Paul Verheijen


Home

Menu

Expo

Mail

Info

Bestel

Zoek

GEBROEDERS VAN LIMBURG

De Hiëronymus-cyclus in Les Belles Heures


Getijdengebed

Het Getijdengebed (lat. Liturgia horarum) is het dagelijkse door de katholieke kerk opgestelde gebed.
Het bestaat hoofdzakelijk uit de 150 Psalmen met daarnaast hymnen, kerkelijke gezangen en lezingen.
Deze gebeden worden op acht vaste tijden van de dag uitgesproken en daarom getijden (horae, uren) genoemd.

De dagelijkse gebeden worden onderverdeeld in
1 - de metten (matutinum) om middernacht; deze waren kort in lengte (vandaar: korte metten)
2 - de lauden (laudes) bij zonsopgang
- de vier kleine uren gedurende de dag, op het eerste, derde, zesde en negende uur van de dag (gerekend vanaf zes uur):
3 - de priem (primae) om zes uur ’s morgens
4 - de terts (tertiae) om negen uur
5 - de sext (sextae) om twaalf uur
6 - de noon (nonae) om drie uur in de namiddag
- de avonduren
7 - de vespers (vesperae) werd gebeden om zes uur 's avonds of bij zonsondergang
8 - de completen (completorium) om negen uur ’s avonds of bij het begin van de nacht

Voor geestelijken met hogere wijdingen, diakens, monniken, bisschoppen en priesters, is het getijdengebed een verplichting.
Voor leken die tot diaken gewijd zijn, kan het verplicht gesteld worden door het bisdom waaronder zij vallen.
Er zijn talloze termen in gebruik om het getijdengebed te benoemen.
Zo spreekt men bijvoorbeeld ook van Getijden zonder meer, Koorgebed, Heilig officie, Uren(gebed), Horologium of Brevier(gebed).

Getijdenboek

In de Middeleeuwen gebruikten sommige leken, monialen, begijnen en begarden tijdens het getijdengebed een speciaal handschrift, het getijdenboek (lat. horarium).
In de Nederlanden was dit dikwijls in de volkstaal indien de gebruikers het Latijn niet machtig waren.
Het getijdenboek moest gelijkwaardig zijn aan het brevier van de geestelijken, maar minder complex.

Tot het einde van de veertiende eeuw werden de meeste getijdenboeken gemaakt in opdracht van vorstenhuizen, de rijke adel en de hoge geestelijkheid.
Door de ontwikkeling van de steden en de stijging van de welvaart ging de rijke burgerij in het spoor van de adel zich ook getijdenboeken aanschaffen.
Het getijdenboek werd een statussymbool.
Zelfs na de uitvinding van de boekdrukkunst werden deze rijke, prachtig geïllustreerde handschriften nog ruim een eeuw lang vervaardigd.

Kunstwerken

Religieuze handschriften kwamen eeuwenlang vooral in kloosters tot stand. Het vervaardigen ervan was met recht monnikenwerk.
Vanaf de 12de eeuw werden ze in toenemende mate gemaakt in boekateliers door meestal een team van verschillende handwerklieden of kunstenaars met ieder hun eigen specialisatie.
Afhankelijk van de smaak en rijkdom van de opdrachtgever werden ze eenvoudig of weelderig uitgevoerd, met soms vele miniaturen en rijke randdecoraties.

Deze versieringen en de miniaturen dienden niet uitsluitend voor het mooier maken van het handschrift.
De middeleeuwers maakten geen gebruik van een inhoudsopgave.
De miniaturen en versieringen werden ook gebruikt om de gebruiker wegwijs te maken in de inhoud.
Tot de bekende miniaturisten behoren o.a. de Gebroeders Van Limburg, afkomstig uit Nijmegen, die in opdracht van Filips de Stoute van Bourgondië en later de Hertog van Berry verscheidene manuscripten illustreerden.

Les belles heures du Jean de Berry

De gebroeders Van Limburg (Herman, Paul en Johan overleden alledrie in 1416) vervaardigden een magnifiek getijdenboek voor hun Franse broodheer Jean de Berry.
Les Belles Heures du Jean de Berry is het enige manuscript dat zij geheel hebben voltooid.
Het handschrift bevat 225 folia in 31 katernen van 238 x 170 mm.
Het is gemaakt van zeer fijn kalfsperkament en bevat maar liefst 172 miniaturen, waarvan 94 in volblad.
Het boek is geschreven in het Latijn, op het gebed tot het kruis (folio 93) na dat in het Middelfrans is geschreven.
Omdat wij wél gebruik maken van inhoudsopgaves, staat op deze webpagina ook de inhoud van dit manuscript.

Les Belles Heures bevindt zich sinds 1954 in The Cloisters Collection van The Metropolitan Museum of Art in New York.

Inhoudsopgave
Les Belles Heures

f = folio
r = recto / voorzijde
v = verso / achterzijde
   f 002r-013v: Kalender
   f 015r-020r: Het leven van de heilige Catherina
   f 020v-025v: Lezingen uit Matteüs, Lucas, Marcus en Johannes
   f 026v-028v: Gebeden tot de Heilige Maagd
   f 030r-065v: De getijden van Onze Lieve Vrouw
   f 066r-072v: De zeven boetepsalmen
   f 073r-074v: Het leven van Gregorius de Grote
   f 075r-077v: Litanie van alle Heiligen
   f 080r-083v: De korte kruisgetijden
   f 084r-087v: De korte getijden van de Heilige Geest
   f 088r-091r: De vijftien vreugden van de Heilige Maagd
   f 091v-092v: Gebed tot de Drie-eenheid
   f 093r-093v: Gebed tot het heilig kruis (in Middelfrans)
   f 094r-097v: Het leven van de heilige Bruno
   f 099r-121r: Officie van de doden
   f 123r-154r: De passiegetijden
   f 155r-155v: Gebeden tot de Heilige Geest en de Drie-eenheid
   f 156r-157r: De geschiedenis van Heraclius en het kruis van Christus
   f 157r-182v: Suffragia
   f 183r-189v: Het leven van de heilige Hiëronymus van Stridon
   f 191r-194v: Het leven van de heremieten Paulus en Antonius
   f 195r-210v: Missen voor bijzondere feestdagen
   f 211r-212v: Het leven van Johannes de Doper
   f 213r-222v: Missen voor bijzondere feestdagen
   f 223v-224v: Gebed voor de reizigers

Hiëronymus

Het verhaal van Hiëronymus is met twaalf miniaturen het grootste van de tussengevoegde beeldverhalen.
Het vertelt het leven van Hiëronymus, dat is gebaseerd op de Legenda Aurea.

- Hiëronymus wordt geboren in Stridon. In zijn jonge jaren ging hij naar Rome en leerde daar Latijn, Grieks en Hebreeuws. Hij vloeide over van wijsheid. Hij bestudeert de klassieke schrijvers en filosofen: overdag Tullius en 's nachts Plato (f183r)
- Hij krijgt echter een koortsdroom waarin hij daarvoor wordt gegeseld en belooft om zich voortaan nog uitsluitend met de heilige boeken bezig te houden (f183v).
- Als hij 39 is, wordt hij gewijd tot Presbyter Cardinalis (f184r).
- Hiëronymus heeft sterke kritiek op de leefwijze van enkele van zijn mede-monniken. Om hem tot schande te maken verwisselen zij zijn habijt met een jurk. Hij trekt die aan in de veranderstelling dat het zijn pij is en gaat naar de kerk (f184v).
- Uit kwaadheid vertrekt hij allereerst naar Constantinopel en bezoekt daar bisschop Gregorius van Nazianze (f185r) die hem wegwijs maakt in de Heilige Schrift.
- Vervolgens trekt hij als kluizenaar voor vier jaar de woestijn in waar hij (o.a. door knappe maagden) bekoord wordt (f186r).
- Tenslotte vestigt hij zich bij de kribbe van Jezus in Betlehem, waar hij veel leerlingen om zich heen verzamelt. Daar blijft hij 55 jaar en zes maanden en vertaalt in die tijd de hele bijbel, nu bekend onder de naam Vulgaat (f187v).
- Eens op een avond komt een manke leeuw hem opzoeken. Hiëronymus geneest de leeuw door een doorn uit zijn voetzool te halen (f186v).
- De leeuw blijft bij hem en krijgt opdracht de ezel te beschermen die dagelijks brandhout uit het bos haalt. Maar op een dag valt de leeuw in slaap en voorbijtrekkende kooplui nemen de ezel mee, vanaf die dag neemt de leeuw het werk van de ezel over. Enige tijd later kom er een karavaan voorbij en de leeuw herkent de ezel en gaat briesend achter de kooplui aan die bescherming zoeken in het klooster (f187r).
- Als Hiëronymus zijn einde voelt naderen, laat hij een graf maken in de grot waar de kribbe van Jezus stond. Hij sterft rond het jaar 398 als hij 90 jaar en zes maanden oud is (f189r).
- In de cyclus van de Gebroeders van Limburg treffen we nog twee legendes aan uit een andere bron, te weten de aanschouwing van het Heilig Graf (f185v) en wonderen tijdens zijn begrafenis (f189v).


2016-2018 Copyleft - Paul Verheijen
Nijmegen