SikkelHet leven van de Tiroolse Notburga van Eben is vrijwel geheel legendarisch. Ze werd rond 1265 geboren en was als dienstbode werkzaam in het huishouden van graaf van Rottenburg (Unterinntal) en altijd bereid om hulp te bieden aan hen die nog armer waren dan zijzelf. Zo gaf ze heimelijk het overgebleven voedsel uit het ridderslot aan de armen. De burchtvrouw verbood haar dat. Ze moest de kliekjes aan de varkens voeren. Notburga schonk vervolgens haar eigen voedsel aan de armen. Ze werd ontslagen en werkte daarna in een boerengezin in het nabijgelegen Eben aan de Achensee. Daar kwam zij op voor de rechten van de dienstboden. Op een avond, toen het werk er al op zat, kreeg Notburga van de boer de opdracht graan te gaan snijden. Het meisje weigerde met de woorden: 'Mijn sikkel moet maar oordelen over mijn recht.' Ze wierp de sikkel omhoog die vervolgens in de lucht bleef zweven. Een variant van deze legende vertelt dat ze van de boer niet naar de kerk mocht, maar moest werken op het land en dat de sikkel plotseling uit haar handen verdween.Aan het eind van haar leven keerde ze terug naar slot Rottenburg, omdat na haar vertrek hier van alles was misgelopen: de burchtvrouw overleed en in de stallen zag men haar geest. Na haar terugkeer ging het beter en gaf de burchtheer grote sommen geld aan de armen. Ze stierf in 1313, haar kamer werd als kapel ingericht en haar relieken werden in 1735 overgebracht naar de kerk van Eben, waar haar graf - waarop vele wonderen plaatsvonden - een bedevaartsoord is. Ze behoort tot de meest vereerde heiligen van het zeer katholieke Tirol en is dan ook lokaal noodhelpster. |
Academische stijlEduard von Grützner wordt doorgaans gerekend tot de Münchener Schule, een 19e-eeuwse stroming waarin academische schildertechniek werd gecombineerd met genre-achtige, vaak humoristische of moraliserende taferelen. Hij verwierf faam met voorstellingen van monniken, studenten en drinkgezelschappen, maar ook met religieuze of historische onderwerpen waarin anekdote en karakterstudie centraal stonden. Binnen dit oeuvre vormt de voorstelling van Notburga van Eben een opmerkelijke uitzondering, omdat zij als volksheilige en boerenmeid een ander soort religieus-sociaal thema belichaamt dan de gebruikelijke kloosterscènes.Het schilderij over Notburga ontstond vermoedelijk in de late 19e eeuw, een periode waarin de verering van volksheiligen in Tirol en Beieren nieuwe impulsen kreeg. Grützner, zelf Beiers en vertrouwd met katholieke devotie in de context van het landelijke leven, kan het werk gemaakt hebben in opdracht van een particulier of kerkelijke instelling die de heilige als patroon van boerenarbeid en dienstmeiden wilde eren. Notburga gold immers als voorbeeld van vroomheid, naastenliefde en sociale rechtvaardigheid, eigenschappen die in de context van een sterk agrarisch gestructureerde samenleving aanspraken. Voor de kunsthistoricus is het werk interessant omdat het laat zien hoe de canonieke beeldtaal van een heilige met een sikkel sikkel in een academische stijl werd vertaald. Voor de gelovige of kijker herinnert het schilderij aan de tijdloze waarde van Notburga’s boodschap: rechtvaardigheid in arbeid, zorg voor de armen en de waardigheid van eenvoudige mensen. |
|
Eduard von Grützner (1846-1925)
Notburga van Eben [technische gegevens onbekend] Rattenberg - Augustinermuseum |
| 2016 Paul Verheijen / Nijmegen |