Paul Verheijen

GERARD VAN HONTHORST

Harpspelende koning David

Zingen en spelen

De geest van de HEER had Saul verlaten; in plaats daarvan stuurde de HEER hem een kwade geest, die hem kwelde. Zijn hovelingen zeiden tegen hem: ‘Het is duidelijk dat u door een kwade geest wordt gekweld. U hebt maar te bevelen, heer, en uw dienaren staan klaar om iemand voor u te zoeken die lier kan spelen. Hij kan dan muziek voor u maken wanneer u door de kwade geest van God wordt bezocht; dat zal u goeddoen.’ ‘Doe dat,’ zei Saul. ‘Zoek iemand voor me uit die goed kan spelen en laat hem bij me komen.’ ‘Ik weet iemand die goed kan spelen,’ zei een van de hovelingen. ‘Hij is een zoon van Isaï uit Betlehem. Hij behoort tot een vooraanstaande familie en is een goed krijgsman, en hij is welbespraakt en goedgebouwd. Bovendien staat de HEER hem bij.’ Saul stuurde boden naar Isaï met het verzoek: ‘Stuur me uw zoon David, die uw schapen en geiten hoedt.’ Isaï gaf zijn zoon David voor Saul een ezel beladen met brood mee, en ook een zak wijn en een geitenbokje. Zo kwam David bij Saul in dienst. Saul raakte zeer op hem gesteld en benoemde hem tot zijn wapendrager. Aan Isaï liet hij vragen: ‘Ik ben zeer tevreden over uw zoon. Mag hij voorgoed bij mij in dienst komen?’ En steeds wanneer de geest van God Saul overmande, nam David zijn lier en tokkelde op de snaren. Dat luchtte Saul op en het deed hem goed: de kwade geest liet hem dan voor even met rust.
(1 Samuël 16:14-23)
In deze bijbeltekst lezen we dat David een instrument (zie onder) bespeelt om de krankzinnig geworden koning Saul tot rust te brengen. Dat David ook na zijn kroning tot koning bleef musiceren is nergens in de bijbel terug te vinden. David wordt volgens de traditie beschouwd als de auteur van een aantal psalmen. En psalmen werden vaak met muzikale begeleiding gezongen. Hij wordt om die reden vaak afgebeeld met een instrument, al dan niet als koning. Het benadrukt in elk geval zijn blijvende rol als muzikant en dichter, ook in zijn latere jaren als koning.

Musicerende halffiguren waren een geliefd onderwerp van Caravaggio en zijn navolgers in Holland, de zogenaamde Utrechtse caravaggisten. De musicerende David was een onderwerp dat bijzonder geschikt was voor een combinatie van devotie, geleerdheid en artistieke virtuositeit. David verschijnt hier niet alleen als koning, maar ook als muzikant en psalmist, waardoor het beeld een brug slaat tussen koninklijke waardigheid en religieuze muziek.

Gerard van Honthorst, bekend om zijn beheersing van licht en karakterisering, gebruikt de figuur van David om aandacht te vestigen op de zintuiglijke en geestelijke werking van muziek. Het muziekinstrument fungeert als attribuut dat David identificeert, terwijl de vorstelijke presentatie het onderwerp verheft tot een voorbeeld van goddelijke legitimatie en innerlijke orde.
In de context van de Utrechtse schilderkunst past dit werk goed bij Van Honthorsts belangstelling voor sterke figuren, heldere narratieve leesbaarheid en een directe beeldtaal. Het schilderij past bovendien in de bredere zeventiende-eeuwse waardering voor het Eerste Testament als bron van morele, muzikale en politieke voorbeelden.
David speelt niet alleen een instrument. Zijn geopende mond lijkt erop te wijzen dat hij er ook (een psalm?) bij zingt. Of is die mond en het feit dat hij zijn ogen ten hemel richt een teken dat hij in een vorm van extase verkeert?

Kinnor

Het muziekinstrument dat David bespeelt heet in de Hebreeuwse tekst een kinnor. Het wordt in het Eerste Testament vaak genoemd.
Op verschillende kleitabletten van rond 2500 VGJ wordt in spijkerschrift een muziekinstrument met de naam ki-na-ru beschreven. In het oude Israël was het vanaf circa 1000 VGJ ook in gebruik.
Vermoedelijk was het een snaarinstrument om op te tokkelen, vergelijkbaar met de Griekse kithara. Het instrument wordt al dan niet correct ook vaak 'davidsharp' genoemd. In het Ivriet wordt met kinnor nu een viool aangeduid.
Probleem is nu hoe je de naam van dit instrument moet vertalen. Vertalingen naar een concreet instrument blijven onzeker. De NBV21 in het citaat hierboven houdt het op een lier. Andere vertalingen kiezen voor harp of citer. Misschien maar gewoon niet vertalen?
Er is geen 17e-eeuwse bron bekend die in de titel van dit schilderij het woord 'harp' noemt.
Gerard van Honthorst (1592-1656) Harpspelende koning David (1622)
Olieverf op doek, 81 x 65 cm
Utrecht - Centraal Museum
2016 Paul Verheijen / Nijmegen