Paul Verheijen

FENWICK LAWSON

Wilfridus van York

Het oeuvre van de Britse beeldhouwer Fenwick Lawson bevat meerdere expliciet christelijke onderwerpen. Hij werkt vaak met traditionele religieuze beelden en put inspiratie uit de christelijke beeldtraditie die hij aanpast aan onze tijd. In de Wilfred'd Church in Preston staan twee houtsculpturen van hem.

Het eerste beeld (linkerafbeelding) stelt de patroonheilige van de kerk voor, een van de eerste Engelse heiligen. De Vita Sancti Wilfrithi werd eind 7e begin, begin 8e eeuw geschreven door volgeling en hagiograaf Eddius Stephanus.
Wilfridus werd rond 634 in Northumbrië en op het moment dat Wilfridus ter wereld kwam, verscheen er boven het huisje waar hij geboren was, een vuurkolom aan de hemel. Opgeschrikt door het felle licht kwamen de buren toesnellen, daar ze bang waren dat er ergens brand was uitgebroken. Maar toen zagen ze hoe een gloed het huisje omstraalde, terwijl het toch niet in brand stond, juist zoals het braambos in het Eerste Testament dat Mozes zag branden, terwijl het niet door het vuur werd verteerd. God wilde met dit teken te kennen geven, dat Hij nu door Wilfridus opnieuw een volk uit de duisternis zou gaan verlossen. Op 13-jarige leeftijd werd Wilfridus monnik in Lindisfarne, maar ging hier weg omdat hij de voorkeur gaf aan een klooster met de roomskatholieke boven de Keltische rite. Hij verbleef kort in Canterbury en vertrok toen samen met Benedictus Biscop (feestdag 12 januari) in 653 naar Lyon waar aartsbisschop Delphinus (feestdag 24 december) hem zijn nicht tot vrouw aanbood wat Wilfridus weigerde. In Rome werd hij gezegend door Martinus I. Bij zijn terugkeer naar Lyon ontving hij van Delphinus de tonsuur. Wilfridus stichtte rond 661 op verzoek van koning Egfrid van Deira de abdij van Ripon in North Yorkshire. Toen hij daar zelf abt werd voerde hij onmiddellijk de roomskatholieke rite en de regel van Benedictus in. De Keltische monniken verlieten daarop teleurgesteld het klooster. Egfrid benoemde hem ook tot bisschop van York. Toen koningin Ermenberga hem dit bisdom ontnam, begon Wilfridus reizen door Europa te maken. Op weg naar Rome leed hij schipbreuk en belandde hij in Friesland. Daar preekte hij in 678 en 679. Twee jaar later werd hij als bisschop van York gerehabiliteerd, maar bleef tegenstand ondervinden, nu ook zelfs van Egfrid. Zijn vrouw Etheldrada van Ely (feestdag 23 juni) bleef maagd en werd non met goedkeuring van Wilifridus wat de ergernis opwekte van de koning die actie ondernam om het bisdom te verdelen.
Wilfridus stierf in 709 of 710 tijdens een bezoek aan het klooster in Oundle en werd in Ripon begraven. In de crypte onder de kathedraal alhier, een van de oudste van Engeland, worden enkele relieken bewaard. In 1224 werden relieken overgebracht naar York. Ook Canterbury claimt relieken van hem te hebben.
Wilifridus wordt door het Roomse Martelaarsboek als belijder herdacht op 12 oktober, de datum van zijn translatie. Soms wordt ook zijn sterfdag op 24 april herdacht.
Lawson beeld Wilfridus uit als bisschop met de krul van een staf met daarop twee sleutels in zijn rechterhand en een uitnodigende open linkerhand.

Op naam van Wilfridus staat ook een dodenopwekking van een kind.



Op een dag was hij bezig het vormsel toe te dienen toen een vrouw op hem afkwam, duidelijk ten prooi aan verdriet. Ze droeg het lijkje van haar kind in haar armen en hield het naar hem op. Toen de bisschop dat zag, verstijfde hij en stond als aan de grond genageld. Hij onderbrak zijn bezigheden en boog zich naar de vrouw, die vanwege haar enorme verdriet volkomen overstuur was. Met verstikte stem huilde zij: 'Mijn goede Heer, ik ging met dit kind hier naartoe om het door uw handoplegging in Christus te laten vormen. Maar nu breng ik het hierheen om u te vragen of u het uit de dood kunt opwekken. U verkondigt in uw woorden toch altijd dat Christus almachtig is? Laat dat dan nu zien met daden, en wek mijn enige zoon op uit de dood. Want wat is dat nou helemaal voor zijn almacht: een kind ten leven wekken en mijn verdriet wegnemen? Niets toch zeker. Daarom smeek ik u te laten zien wat u verkondigt. Neem mijn verdriet weg en breng weer leven in mijn dode jongen.' Ze bleef maar roepen en klagen. En met haar alle omstanders die steeds meer naar voren waren gedrongen. Het was daar één groot verdriet in de kerk. De dienaar Gods had zielsmedelijden met de vrouw en in de stilte van zijn hart bad hij tot God dat Hij te doen zou hebben met het nog zo zwakke geloof van de mensen. En ook hij kon zijn tranen niet bedwingen. 'God Vader', zo bad hij, 'verdiensten waarmee ik bij u aan kan komen, heb ik niet. Ik kan alleen maar een beroep doen op uw onvermoeibare trouw en barmhartigheid. Hoor onze smeekbeden. Kom deze vrouw hier troosten en geef haar haar zoon terug. Door uw eniggeboren Zoon Jezus Christus, Onze Heer.'Na deze woorden richtte hij zich op, strekte zijn rechterhand uit en raakte het hoofdje van de dode jongen aan. Onmiddellijk kwam er weer leven in. Daarop tilde de man Gods het levende kind op om het aan iedereen daar te laten zien. De aanwezigen barstten los in kreten van bijval en bewondering. Op die manier werd het geloof in Christus bij hen nog eens extra bevestigd. De weer tot leven gebrachte jongen werd door Wilfridus' handoplegging gevormd en vervolgens weer teruggegeven aan zijn overgelukkige moeder. Zij beloofde dat zij hem de komende zeven jaar zou opvoeden en hem dan terug zou brengen naar Wilfridus. Maar toen het zover was, gebeurde dat niet. Want zijn vader bleek ertegen en nam het kind mee naar het buitenland, omdat hij besefte dat hij het kind niet bij zich kon houden tegen de wil van Wilfridus. Maar niet lang daarna kwam een hooggeplaatst persoon het kind toch bij de bisschop brengen. Deze zette hem onmiddellijk op de weg van het geestelijk leven in de dienst aan God. Nadat hij een gedegen vorming had genoten, werd hij later een voorbeeld voor vele anderen door het heilige leven dat hij leidde.

Het is niet ondenkbaar dat dit wonderverhaal de inspiratiebron is geweest voor het beeld Hidden life van Lawson.

Hidden life

Het tweede beeld (rechterafbeelding) van Lawson in de Saint Wilfred's Church toont een moeder die een kindje tegen haar borst houdt, een compositie die direct aan de klassieke Madonna met Kind doet denken. Het werk is expliciet bedoeld als een cenotaaf, een herdenkingsmonument voor baby’s die vóór, tijdens of kort na de geboorte zijn overleden. Die combinatie van moeder-en-kind-beeld en rouw maakt het een bewuste herinterpretatie van het traditionele Madonna met Kind-motief. Het is niet primair een religieus portret, maar een troostend, rouwend symbool voor ouders.
Fenwick Lawson (1932)
Saint Wilfred (1993) (links)
Hidden life (1996) (rechts)
Preston - Saint Wilfred's Church
2016 Paul Verheijen / Nijmegen