Paul Verheijen

JUAN DE RUELA

Milburga van Wenlock

Mystieke macht

Het Roomse Martelaarsboek herdenkt de rond het jaar 700 levende Milburga (Mildburga) van Wenlock op 23 februari als maagd en dochter van de 'koning van de Merciërs'.
Haar vader Merwald (Merewald) was koning van Mercia. Na zijn bekering door Egfridus van Northumbrië (wiens feestdag ook op 23 februari is) stichtte hij de abdij van Wencock in Shropshire. Hiervan werd Milburga de tweede abdis. Zij kon wonderen verrichten en had vooral een mystieke macht over vogels en daarom gewassen kon beschermen tegen vraatzuchtige vogels.
  • Toen een moeder eens haar overleden kind bij Milburga bracht, zond deze haar weg, omdat het haar kracht te boven ging het kind weer tot leven te wekken. De moeder weigerde te gaan. Aangespoord door deze vasthoudendheid vile Milburga op haar knieën en begon te bidden. Om haar heen brandde een hemels vuur. Toen de vlammen gedoofd waren nam ze het lichaam in haar armen en kon ze het kind levend aan haar moeder teruggeven.
  • Na een lange periode van bidden viel plotseling haar sluier van haar hoofd. Een zonnestraal hield de hoofdbedekking in de lucht totdat Milburga zich weer had gefatsoeneerd.
Toen het door de Denen verwoeste klooster vanuit Cluny weer werd opgebouwd, vond men haar graf terug. In 1101 werden haar relieken overgedragen naar de voor haar gebouwde nieuwe kerk in Wenlock.
Heiligverklaard zijn eveneens haar moeder Ermenburga van Minster (19 november) en de zussen Mildreda en Mildgytha van Thanet (respectievelijk 13 juli en 17 januari).

Contrareformatorische propaganda

Dit schilderij van Milburga van Wenlock, geschilderd door de Vlaamse-Spaanse kunstenaar Juan de Ruela, maakt deel uit van een serie van zes Britse vrouwelijke heiligen van koninklijke bloede. Ze zijn vervaardigd in een context van contrareformatie en Spaanse steun aan de Engelse katholieke seminaries.
Ruela speelde een sleutelrol in de overgang van maniërisme naar barok in Sevilla. Hij combineerde naturalisme met mystiek, met invloeden van Venetiaanse schilders, en werkte vaak voor kerken en jezuïeten. Dit werk ontstond tijdens een periode dat katholieken Engeland verlieten, en diende propagandistisch voor de contrareformatie.
Ruela beeldt Milburga af als jonge vrouw in een rode en bruine jurk met witte kraag, houdend een open boek (misschien haar legende of psalmen) en een roze roos als symbool van maagdelijkheid. Boven haar zien we een kleine Madonna met Kind, verwijzend naar haar devotie.

De architectonische cartouche met Latijnse inscriptie benadrukken haar koninklijke afkomst:
S. MILBVRGA PENDAE REGIS ANGLORVM FILIA
VIRGO. FLORVIT CIRCA ANNUM DOM.664 OBIIT 23 FEBRV

'S. Milburga, dochter van de koning van de Engelen (Angelsaksen)
maagd, bloeide op rond het jaar des Heren 664, overleden 23 februari'

In het ovaal rondom Milburga lezen we een verwijzing naar de Vulgaatvertaling van Spreuken 31:26:
SAPIENTIA PROV 31 APERUIT OS SUUM
'De Wijsheid opent haar mond'.

En uit haar mond rolt de tekst van Hooglied 5:16:
TALIS EST DILECTUS MEUS
'Zo is mijn geliefde'

In de iconografie van maagdelijke heiligen zoals Milburga symboliseren deze citaten haar wijsheid, deugd en koninklijke maagdelijkheid, passend bij de contrareformatorische devotie.
Haar wapenschild bovenin en het cherubijnkhoofdje onderin voegen zowel een koninklijke als hemelse sfeer toe.
Juan de Ruela (ook Juan de las Roelas geheten) (1570-1625)
Santa Milburga (±1605)
Valladolid - Iglesia de San Miguel y San Julián
2016 Paul Verheijen / Nijmegen