Paul Verheijen

PAUS PIUS

Pausnaam Pius

Tot nu toe zijn er twaalf mannen geweest die als pausnaam kozen voor Pius. Van hen zijn er vier heiligverklaard.
  • Pius I (140/42-155; 11 juli)
  • Pius II (1458-1464)
  • Pius III (1503)
  • Pius IV (1559-1565)
  • Pius V (1566-1572; 30 april)
  • Pius VI (1775-1799)
  • Pius VII (1800-1823)
  • Pius VIII (1829-1830)
  • Pius IX (1846-1878; 7 februari)
  • Pius X (1903-1914; 21 augustus)
  • Pius XI (1922-1939)
  • Pius XII (1939-1958)

Pius V

Bartolomeo Passarotti (1529-1592)
Papa Pio V (±1566)
Olieverf op doek, 129 x 95 cm
Baltimore - Walters Art Museum

De liturgische feestdag van Pius V is tegenwoordig op 30 april. Het Roomse Martelaarsboek herdacht hem voorheen op 1 mei en 5 mei:
Te Rome de geboortedag van de heilige belijder paus Pius V uit de orde der predikheren. Krachtig en met goede uitslag legde hij zich toe op het herstel van de kerkelijke tucht, het uitroeien van ketterijen en het vernietigen van de vijanden van Christus' naam. Hij bestuurde de katholieke kerk zowel door zijn heilig leven als door heilige wetten. Men viert zijn feest echter op de vijfde mei.
Antonio Ghislieri werd geboren in 1504 in Bosco Marengo en trad op 14-jarige leeftijd in bij de dominicanen met de kloosternaam Michele. Na leraar filosofie en theologie, bisschop, inquisiteur en kardinaal te zijn geweest werd hij de opvolger van de beruchte nepotist Pius IV (paus van 1559-1565). Met Pius V kwam een nieuwe koers in het pausschap. Hij besteedde zijn geld niet om de Romeinse aristocratie te paaien, maar aan armenzorg en ziekenhuizen. In tijden van hongersnood in Rome importeerde hij op eigen kosten graan uit Sicilië en Frankrijk. Hij nam strenge maatregelen tegen zedelijk verval, stuurde corrupte curieprelaten de laan uit, pakte straatrovers aan en verbood stierengevechten en het openlijk te kijk zetten van dieren. Ter bestrijding van ketterse geschriften stelde hij de zogenaamde Index in, een lijst met verboden boeken. Bij processies maakte hij geen gebruik van de pauselijke draagstoel en liep te voet en blootshoofds (zie ook verderop). Op zijn privéleven had men niets aan te merken. Hij bemoeide zich met de internationale politiek. Hij zette de joden uit de Kerkelijke Staat en excummuniceerde koningin Elizabeth I van Engeland. Zijn grootste triomf was zijn glorieuze overwinning van de katholieke vloot op de Turken in de slag bij Lepanto op 7 oktober 1571 waarbij hun generaal met 30 duizend moslims omkwamen. Als dank voor de overwinning stelde hij voor die dag het feest in van Maria Overwinning, later geworden tot Maria van de Rozenkrans.

Wonderen

Over Pius V worden gewoonlijk twee wonderen verteld die tijdens zijn leven plaatsvonden.
Toen hij eens in gezelschap van de Poolse ambassadeur het Sint-Pietersplein overstak (voorheen het circus van keizer Nero), voelde hij zich plotseling bezield door de moed van de martelaren die op deze plaats geleden hadden. Hij bukte zich en nam een handvol zand en borg dit op in een doek die de ambassadeur hem aanbood. Toen die in zijn woning terug was gekeerd en de doek opende, zag hij dat die gedrenkt was met helderrood vers bloed terwijl het zand was verdwenen. Het geloof van de paus had dit martelarenbloed opgeroepen.

Ketterse tegenstanders van Pius V streken eens in de pauselijke kapel gif op de voeten van het kruisbeeld waarop hij vaak zijn lippen drukte om het te kussen. En dan kennen we twee varianten van het vervolg. Op het moment dat de paus de voeten wil kussen maken die zich los van het kruis om zich aan de paus te onttrekken. De andere versie zegt dat de paus zag dat de voeten vochtig waren. Hij droogde die af met een stuk brood en gaf dat aan een hond. Die at het op en viel dood neer. Hoe het ook zij: men stelde vast dat door een wonder een aanslag op de paus was verijdeld.

Laatste gang

Hoewel zwaar lijdend aan galstenen, wilde Pius V op 21 april 1572 nog de zeven hoofdkerken van Rome bezoeken, hopend, zoals hij zei, binnenkort de martelaren in de hemel te zien. Hij legde de lange en slechte weg van Paulus-buiten-de-muren naar de San-Sebastiano geheel te voet af. Toen hij eindelijk totaal uitgeput bij de Sint-Jan van Lateranen aankwam, smeekten zijn onderhorigen hem in een draagstoel plaats te nemen of de rest van de bedevaart tot de volgende morgen uit te stellen. Hij antwoordde: Qui fecit totum, ipse perficiet opus, wie alles doet, volbrengt het werk', en zette zijn weg voort. Eerst tegen de avond kwam hij bij de Sint-Pieter aan en liet zich daar nog de zeven boetpsalmen en de lijdensgeschiedenis van Jesus voorlezen. Hij bezat niet meer de kracht bij de naam Jesus de camauro (de pausmuts) af te zetten. Op de 28ste April probeerde hij de mis te lezen, kon het echter niet meer. Voorzien van de heilige sacramenten der stervenden ademde hij zijn ziel uit op 1 Mei. Zijn laatste woorden waren woorden uit de hymne van de metten in de paastijd uit het brevier: Opdat Ge een eeuwig Paasfestijn moogt, Jesus, voor de zielen zijn: verlos van wreeden zondendood, die Gij tot blij herleven noodt.
Pius V stierf, gekleed in dominicaner habijt, zoals hij geleefd had: kloosterlijk sober en boetvaardig. In de Santa Maria Maggiore bevindt zich zijn tombe. In 1712 werd hij heilig verklaard.

Bartolomeo Passarotti schilderde het staatsieportret van Pius V. Op de zetelrug prijkt zijn pauswapen bestaande uit gouden en rode diagonale banen. In zijn linkerhand houdt hij een brevier geklemd dat hij hervormde door al te ongeloofwaardige delen uit hagiografieën te verwijderen.

Pius X

Alessandro Milesi (1856-1945)
Ritratto di papa Pio X (1904)
Olieverf op doek, 153 x 120 cm
Venetië - Ca' Pesaro

Pius X werd als Giuseppe Melchiore Sarto in 1835 te Riese in het bisdom Treviso (ten noorden van Venetië) geboren als zoon van een arme boerenfamilie. Na zijn priesterwijding in 1858 werd hij gevormd door een aantal jaren zielzorg in Tombolo en Salzano. In 1875 volgde zijn benoeming tot kanselier van de bisschop van Treviso en geestelijk leidsman van het seminarie. Zijn carriere begon in 1884: hij werd bisschop van Mantua en in 1893 tot kardinaal en patriarch van Venetië benoemd. Toen Leo XIII in 1903 stierf volgde een conclaaf waarin voor het laatst in de geschiedenis een politiek veto (van Oostenrijk, tegen de Fransgezinde staatssecretaris Mariano Rampolla del Tindaro) een beslissende uitwerking had. Niet Rampolla maar Giuseppe Sarto verliet als paus de Sixtijnse Kapel. Men had een vrome, intelligente, organisatorisch begaafde en met doorzettingsvermogen toegeruste man gekozen, die voor en tijdens zijn pontificaat om zijn karakter en levenswandel geprezen werd.
De betekenis van zijn pontificaat is echter zeer omstreden. In elk geval heeft hij de onder zijn voorganger sinds de Verlichting weer geopende deur naar de steeds meer geseculariseerde maatschappij voor minstens een decennium weer gesloten en zich geheel aan binnenkerkelijke restauratie gewijd. Op politiek terrein riep hij spanningen op tussen de Heilige Stoel en Rusland, Duitsland, Frankrijk, Spanje, Portugal en de Verenigde Staten. Hij weigerde eens president Roosevelt te ontvangen en riskeerde een vergaand isolement. Hoewel bekend als 'vriend der armen' veroordeelde hij opkomende pogingen tot structurele, maatschappelijke veranderingen ten voordele van paternalistische caritas. Het meest bizar waren zijn maatregelen tegen een (uiteraard vermeend) complot van 'modernistisch' gezinde vernieuwers van de wetenschap, vooral die van de filosofie en de theologie. Lieden die andere dan neoscholastieke wegen op deze terreinen insloegen, werden in 1907 door een decreet Lamentabili en een encycliek Pascendi veroordeeld. Aanpassing van de christelijke leer aan de moderne ideeën werd geblokkeerd, en door zogenaamde 'integralisten' werd een beschamende en venijnige ketterjacht ontketend, waardoor menig eerlijk onderzoeker werd achtervolgd en monddood gemaakt. In 1910 kregen alle priesters en neomisten de verplichting opgelegd de 'anti-modernisteneed' te zweren. Deze eed werd pas opgeheven in 1967.

Binnenkerkelijk trof Pius maatregelen ter verbetering van de priesteropleiding en de parochiezielzorg, steunde de opkomende 'Actie' (deelname van katholieken aan het pastoraat onder het wakend oog van de hiërarchie), paste de Vaticaanse bureaucratie aan aan het opkomend kerkelijk centralisme en leidde de verbetering van het kerkelijk recht in. Onder de vele liturgische vernieuwingen vallen vooral op:
  • Decreet uit 1905 over de veelvuldige communie, waarin hij met succes de gelovigen aanspoorde niet slechts met Pasen of op hoge kerkelijke feestdagen de communie te ontvangen, maar liefst dagelijks.
  • Decreet uit 1906 over de vervroegde kindercommunie, waarin hij de leeftijd waarop kinderen voor het eerst zouden communiceren vervroegde van 13 of 14 jaar naar 6 of 7 jaar.
Ongetwijfeld waren deze decreten in de katholieke Kerk mede aanleiding tot het ontstaan, in de daaropvolgende decennia, van een zeer diepe eucharistische vroomheid, die de grondslag werd van zoveel bloei en vernieuwingen in de loop van de 20e eeuw. Pius X stierf enkele weken na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. In 1951 volgde Pius' zaligverklaring en in 1954 de canonisatie door Pius XII, een van de 33 heiligverklaringen onder diens pontificaat. Pius X wordt liturgisch gevierd op 21 augustus.

De doorwerking van Pius X op het terrein van de kunsten is minimaal geweest. Zijn afbeelding, te vinden in populaire, weinig kritische, maar stukgelezen biografieën en op zoetelijke devotieprentjes, gaat terug op enkele authentieke portretten: een wat bolrond gemoedelijk gezicht met lieve ogen. Ook op dit schilderij van Alessandro Milesi is hij zo uitgebeeld.

Broederschap

De Priesterbroederschap St. Pius X (Fraternitas Sacerdotalis Sancti Pii X, SSPX of FSSPX) is een vereniging van traditionele katholieke priesters en bisschoppen die in gemeenschap leven. De broederschap verzet zich tegen bepaalde constituties en decreten van het Tweede Vaticaanse Concilie, waaronder vooral die rond religieuze vrijheid, oecumene, en collegialiteit van de bisschoppen. De broederschap werd door Marcel Lefebvre opgericht op 1 november 1970 in het bisdom Fribourg in Zwitserland. De stichting vond plaats tegen de achtergrond van de ingrijpende kerkelijke veranderingen die volgden op het Tweede Vaticaans Concilie, waaronder verschillende doctrinaire, liturgische en pastorale hervormingen (het zgn. Aggiornamento). Vanuit deze context groeide een protestbeweging die een fundamenteel kritische houding innam ten aanzien van de postconciliaire ontwikkelingen binnen de Katholieke Kerk, waaronder ook de hervorming van de liturgie van de misviering die tot vandaag de dag door de broederschap verworpen wordt. Binnen het katholieke traditionalisme groeide de FSSPX vervolgens uit tot een van de meest invloedrijke en omvangrijke traditionele katholieke gemeenschappen ter wereld, met een internationaal netwerk van seminaries, priorijen, scholen en apostolaten.
De verhouding tussen de broederschap en Rome verslechterde aanzienlijk toen Marcel Lefebvre op 30 juni 1988, zonder pauselijk mandaat, vier priesters van de FSSPX tot bisschop wijdde. Deze handeling werd door de Heilige Stoel beschouwd als een schismatieke daad, hoewel sommige kardinalen en canonisten deze kwalificatie hebben betwist. De broederschap werd op 2 juli 2026 door de Dicasterie voor de Geloofsleer van de Rooms Katholieke kerk schismatiek verklaard en haar bisschoppen geëxcommuniceerd, na de wijdingen in Écône een dag eerder. De broederschap zelf beschouwt deze excommunicaties als onrechtvaardig en ongeldig.
2016 Paul Verheijen / Nijmegen