Paul Verheijen

JOHANNES (DON) BOSCO

Turijnse Vierster

Giovanni Bosco (1815-1888) werkte vanaf zijn priesterwijding in 1841 in de achterbuurten van de bij zijn geboortedorp Becchi gelegen stad Turijn waar hij als pedagoog jongens onderrichtte en de Italiaanse jeugdbibliotheek stichtte. Hij zag heiliging als een zending en nam afscheid van de logica van het denken. Soms ging hij zich daarom als een zogenaamde dwaas gedragen.
Don Bosco's boek Il Giovane Provveduto, De Verstandige Jongen, staat vol raadgevingen en gebeden voor jongeren. Het werk werd tijdens zijn leven 118 keer herdrukt, waarvan in totaal 6 miljoen exemplaren werden verkocht. Het boek is geschreven om 'goede christenen' te vormen. Bij het opvoeden van de jeugd richtte hij zich op Franciscus van Sales. Hij stichtte in 1859 voor mannen de congregatie der salesianen en dertien jaar later samen met Maria Mazzarello (feestdag 14 mei) voor vrouwen de Dochters van Maria, Hulp der Christenen (Don Bosco-Zusters).
Samen met Jozef Cottolengo (30 april), Jozef Cafasso (23 juni) en Leonardus Murialdo (30 maart) worden zij vereerd als i quattro santi sociali torinesi ook wel i santi sociali di Torino, in het Nederlands gewoonlijk de 'Turijnse Vierster'.
Naar hem zijn en waren behalve scholen ook de Don Bosco-huizen genoemd, die zich in Nederland voornamelijk richtten op de begeleiding en opvang van (kansarme) jongeren.
Don Bosco wordt beschouwd als de belangrijkste katholieke pedagoog uit de 19e eeuw. Je moet niet straffen, maar fouten voorkomen en het goede opvallend belonen, een opvatting die onder pedagogen ook hedentendage nog opgang vindt.
Zijn lichaam rust in de kerk van de salesianen in Turijn. Tijdgenoot Pius XI verklaarde Don Bosco zalig en heilig en stelde 31 januari (zijn sterfdag) vast als liturgische gedenkdag.

Van Don Bosco bestaan contemporaire foto's die Pietro Canonica ongetwijfeld heeft gebruikt voor zijn beeld in de galerij ordestichters in de Sint-Pieter in Rome. Hij heeft zijn arm gelegd op de schouder van een jongen. Voor hen staat de jonge Johannes de Doper, zijn patroonheilige, met een kameelharen kleed om.

Volkse eretitels

Don Bosco's populariteit blijkt uit de volkse eretitels die hem zijn gegeven:
  • Il padre e maestro della gioventù, de vader en leraar van de jeugd (de bekendste en meest gebruikte)
  • L’apostolo dei giovani, De apostel van de jongeren
  • Il prete dei ragazzi, De priester van de jongens (heel volks, vooral in Turijn)
  • L’amico dei giovani, De vriend van de jeugd

Biografieën

Er zijn heel wat biografieën over Don Bosco geschreven, maar een vaste kern van gezaghebbende auteurs keert steeds terug.
  • Giovanni Battista Lemoyne (1839–1916), hoofdauteur van de monumentale reeks Memorie biografiche di San Giovanni Bosco waarvoor hij de eertse negen delen schreef.
  • Angelo Amadei (1867–1945), medewerker en opvolger van Lemoyne die de middenvolumes schreef.
  • Eugenio Ceria (1870–1957), auteur van de latere delen XI–XIX, in het Nederlands vertaald onder de titel Don Bosco. Leven en werken, aan de hand van zijn gedenkschriften.
  • Pietro Stella schreef een historisch-kritische biografieën (20e eeuw), minder hagiografisch, academischer en belangrijk voor moderne Don-Bosco-studies
  • Terence J. Cooke / Arthur J. Lenti, Engelstalige studies met focus op spiritualiteit en pedagogie
  • Renato Ziggiotti
  • Henri Ghéon schreef in 1935 een literaire biografie.
  • Francis Desramaut deed historisch onderzoek.
  • Giuseppe Tuninetti schreef contextuele studies over Turijn.
Pietro Canonica (1869–1959)
S. Joannes Bosco (1936)
Marmeren beeld
Rome - Sint-Pieter
2016 Paul Verheijen / Nijmegen