Precies veertigDe Veertig Martelaren van Sebaste (ook Veertig Gekroonden of Veertig Armeense Martelaren genoemd) met hun leider Cyrillus waren soldaten in het begin van de vierde eeuw uit het twaalfde Romeinse legioen, de Legio Fulminata, die vooral op Oosterse iconen vereerd worden op 9 maart (op 10 maart in het Westen, maar in 1969 geschrapt van de heiligencanon). Er zijn van elkaar verschillende legendes overgeleverd:
Het Roomse Martelaarsboek noemt de veertig martelaren op 9 maart en vat de verschillende legendes bondig samen: Bij Sebaste in Armenië de geboortedag van veertig heilige krijgslieden uit Cappadocië. Ten tijde van keizer Licinius werden zij onder de landvoogd Agricola geboeid en in vunzige kerkers geworpen. Daarna kneusde men hen met stenen het gelaat en liet hen in de barre wintertijd onder de blote hemel naakt op een bevroren vijver de nacht doorbrengen, waar hun lichamen van de kou ineenkrompen en open sprongen. Ten slotte brak men hun de benen en zo voleindigden zij hun martelingen. De voornaamsten van hen waren Cyrion en Candidus. De heilige Basilius en ook andere vaders hebben in hun schriften hun aller lof verkondigd. Het feest van deze martelaren viert men echter morgen. |
Uitbeelding in de icoonBovenaan in hemels gedeelte zit Christus op een troon tussen 40 olielampjes. Hij maakt een zegenend gebaar met de rechterhand en houdt in de linker een banderol. Dit benadrukt zijn rol als hemelse rechter en verlosser.In het aardse gedeelte staan de 40 martelaren dicht opeengepakt, naakt of slechts met lendendoeken te beven van de kou. De verschillende houdingen (bibberen, elkaar vasthouden, in gebed) drukken de ontbering maar ook hun volharding in geloof uit. Links zien we de 'dissidente' soldaat het warme badhuis betreden. De soldaat met de rode doek is vermoedelijk degene die de veertigste plaats weer inneemt. Het icoon toont tegelijk het lijden van de martelaren op aarde en de hemelse beloning die hen wacht. |
|
Philotheos Skoufos (1615/25–1685)
Veertig martelaren van Sebaste (±1665) Icoon Kreta (?) |
| 2016 Paul Verheijen / Nijmegen |