Paul Verheijen

LEONARDO DA VINCI

Anna-te-Drieën

Motief

Het onderwerp Anna-te-Drieën werd in de middeleeuwen geïntroduceerd in de christelijke iconografie.
Zoals de term aangeeft gaat het om drie personen in één voorstelling: Anna, haar dochter Maria en hun (klein)kind Jezus.
Er bestaan verschillende variaties in de uitvoering van dit motief.
Vaak zitten Maria en Anna op een stoel met het kind tussen hen in, soms wordt een kleine Maria met kind gedragen door Anna.
De beelden van Anna-te-Drieën kunnen worden beschouwd als een verwijzing naar de Onbevlekte Ontvangenis.
Daarnaast gold Anna als de voorbeeldige moeder, echtgenoot (zij was volgens de legende drie keer weduwe) en grootmoeder.
Mede om die reden werd zij in brede lagen van de bevolking als een vertrouwd iemand gezien, die door haar wijze van leven icht bij de mensen stond, terwijl ze anderzijds door haar verbondenheid met Christus en Maria meer dan andere heiligen de taak van middelares kon uitoefenen.

Informeel spelen

Anna is de beschermheilige van aanstaande moeders en Da Vinci heeft dit werk mogelijk geschilderd in opdracht van Lodewijk XII van Frankrijk, die in 1499 in het huwelijk was getreden met Anna van Bretagne.
Hij schilderde Maria die op de knie van haar moeder Anna zit en tegelijkertijd met haar kind speelt dat op zijn beurt speelt met een offerlam, symbool voor diens toekomstige lot.
Op de achtergrond is een kaal, bergachtig, monumentaal landschap te zien, geschilderd in egaal-blauwe tinten die contrasteren met de bruine aardkleuren op de onderste helft van het doek.
De steenachtige voorgrond lijkt niet geheel voltooid, zoals wel vaker in werken van Da Vinci.
Het werk valt op door de voor die tijd ongewoon informele compositie en de intieme, liefdevolle gebaren van de personages, zonder nadruk op devotie.
Maria buigt zich naar voren om het kind, dat zojuist uit haar handen is geglipt, terug bij zich te nemen.
Anna beziet het tafereel lachend en in rust.
Ze houdt de linkerarm in haar zij en draagt een lang grauw kleed, zoals dat in de 16e eeuw vaak gedragen werd door weduwen.
Maria draagt een rood kleed met decolleté en korte armen, met een doorzichtig dun grauw onderkleed dat haar armen volledig bedekt.
Over haar schoot ligt een grijs-blauw mantelkleed en ze draagt geen sieraden en hoofddoek.

Sfumato

Kenmerkend is Da Vinci's gebruik van sfumato, een techniek die hij zelf uitvond: door gebruik van transparante verfsoorten creëerde hij een zekere wazigheid waarmee hij beweging wilde suggereren.
Veel kritiek kwam er in 2012 op een intensieve restauratie van het schilderij, waarbij de oude transparante verflagen deels waren verwijderd, maar waarmee ook het sfumato-effect minder werd.

Studies

Maria met kind was een geliefd thema van Da Vinci en er zijn diverse studies van het werk bewaard gebleven.

In een ander licht

Jenny Saville tekende een eigen interpretatie van Da Vinci's schilderij, waarbij ze een aspect toevoegt dat bij Da Vinci volledig ontbreekt.
Haar houtskoollijnen zijn bijna gewelddadig: heftige zwarte en (bloederige?) rode lijnen wervelen door heel de tekening en lijken een wanorde van de zwangerschap uit te drukken.
Leonardo da Vinci (1452-1519)
Sant'Anna, la Vergine e il Bambino con l'agnellino (Anna Metterza) (1501-19)
Olieverf op populierenhout, 168 x 130 cm
Parijs - Louvre

Studies voor Anna Metterza
Afbeelding links: houtskool op papier, 142 x 105 cm (1499-1500)
Londen - National Gallery
Afbeelding rechts: potlood, pen, inkt op papier (1501-06)
Venetië - Gallerie dell'Academia

Jenny Saville (1970)
Electra (2012-19)
Houtskooltekening
Londen - Foundling Museum