Paul Verheijen

RENDEZ-VOUS MET FRANS HALS

30 maart t/m 16 / 30 september 2018
Haarlem - Frans Hals Museum (Hal / Hof)



Drapeniersaltaar

De Grote- of Sint Bavokerk had in de 16de eeuw 33 altaren die elk toebehoorden aan een gilde.
In 1546 kreeg Maarten van Heemskerck opdracht van het Drapeniersgilde, het wollenweversgilde, om twee beschilderde deuren te maken voor hun altaar.
Deze werden toegevoegd aan een al bestaand middenstuk.
Op de buitenkant moest de Annunciatie geschilderd worden en op de binnenkant de Aanbidding van de herders en de Aanbidding van de Wijzen uit het Oosten.
Het middenpaneel dat vermoedelijk de Tenhemelopneming van Maria voorstelde, is verloren gegaan.
Dit is mogelijk gebeurd toen de Bavokerk gereed werd gemaakt voor de protestantse eredienst in 1578.
In dat jaar werden de zijluiken eigendom van de stad en kregen ze een plaats in het Prinsenhof.

Van Heemskerck heeft zich, zo blijkt uit de loftuiting van Karel van Mander, uitstekend van zijn opdracht gekweten.
In dit werck siet men, hoe goet mester Hemskerck is gheweest, schrijft zijn stadgenoot in 1604.

Maarten van Heemskerck
Annunciatie

Deze voorstelling trekt de aandacht van Van Mander in het bijzonder.
Hier siet men oock een onghemeen waerneminge, dat is, den Enghel, die up een marber glat plaveytsel schijn gheeft oft spiegelt, of hy op ijs stonde, ’t welck op gepolste marberen wel geschiedt.

Van Heemskerck wijkt af van de traditionele iconografie.
Op het rechterluik nadert Gabriël Maria, geknield op het linkerluik, van achteren.
Maria heeft haar gezicht nederig naar beneden gericht en draait zich zijdelings naar hem toe.
De duif van de Heilige Geest daalt vanuit een helder licht op haar neer.
Als bron van het licht is God de Vader afgebeeld.
De engel houdt niet zijn gangbare attribuut, de lelietak, als teken van zuiverheid en reinheid in zijn hand, maar de olijftak, die staat voor vrede.
Op de bidbank voor Maria ligt een bijbel die is geopend op een passage uit het boek Jesaja 2,2-4, waarin de profeet aankondigt dat de berg Zion bij Jeruzalem de plek zal zijn van het huis van God, het komende koninkrijk van de vrede.
Gewoonlijk is op voorstellingen van de Annunciatie het boek geopend op Jesaja 7,14 met de aankondiging van Christus’ geboorte.
Zowel de olijftak als de bijbeltekst verwijzen naar Christus als brenger van de vrede.
Gabriël draagt een leren voorschoot, afgezet met gouden belletjes, dat op zijn borst bijeen wordt gehouden door een medaillon met een voorstelling van God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
Hij is immers de boodschapper van de Heilige Drieëenheid.
De purperen slippen van de engel Gabriël zijn volgens sommige bronnen geschilderd door een bevriende leerling die bij Van Heemskerck inwoonde.
In het landschap op de achtergrond bevindt zich een aantal kleine figuren, die mogelijk verwijzen naar de Visitatie, het bezoek van Maria aan Elisabeth, vlak na de Annunciatie.

Maarten van Heemskerck
Aanbidding van de herders en de wijzen

Van Heemskerck heeft zichzelf op het linkerluik geportretteerd als de knielende herder op de voorgrond bij de kribbe die over zijn schouder uit het schilderij kijkt.


De acht knopen aan de mouw van de mantel van de blanke knielende koning rechts op de voorgrond van het rechterluik zijn in de vorm van een dobbelsteen.
Ze verwijzen daarmee naar het moment tijdens de kruisiging als de soldaten dobbelen om de kleren van Jezus.
Het voorspelde lijden in een voorstelling van de aanbidding wordt daarbij gekoppeld aan het geloof in de verlossing.
De ogen van de acht dobbelstenen laten achtereenvolgens 1, 2, 3, 4, 5, 6, 6 en 6 zien, een totaal van 33, de leeftijd waarop Christus volgens de traditie aan het kruis stierf.
Het is een mooi voorbeeld van Van Heemskercks inventiviteit.

Cornelis van Haarlem
Kindermoord Betlehem

In 1590-1591 bestelde het stadsbestuur bij Cornelis Cornelisz van Haarlem een nieuw middenstuk met een voorstelling van de Kindermoord van Betlehem om de zijluiken van het Drapeniersaltaar opnieuw met elkaar te verbinden.
Bovendien maakte hij de lobvormige bovenkant van de zijpanelen recht.
De keuze voor een voorstelling van de kindermoord (Matteus 2,16-18) paste in de reformatorische opvattingen bij de iconografie van de zijluiken.
Herodes’ opdracht om alle kinderen van het mannelijke geslacht onder de twee jaar te doden, hield direct verband met de geboorte van het Christuskind.
Herodes was als tirannieke leider bovendien een voorbeeld van slecht bestuur en daarmee een waarschuwing aan het adres van de stadhouder.
Van Haarlem baseerde zich op studies die Van Heemskerck in Rome had gemaakt.

KERSTTIJD

Maarten van Heemskerck (1498-1574)
Aanbidding der Wijzen, der Herders en Annunciatie (1546)
Olieverf op twee panelen, 261,5 x 122,5 cm
Haarlem - Frans Hals Museum

Cornelis Cornelisz van Haarlem (1562-1638)
Kindermoord te Betlehem (1546)
Olieverf op doek, 268 x 257 cm
Haarlem - Frans Hals Museum

2016-2018 Copyleft - Paul Verheijen
Nijmegen