Paul Verheijen

ÉDOUARD MANET

Christus en de engelen

Édouard Manet (1832-1864))
Le Christ mort et les anges (1864)
Olieverf op doek, 179 x 150 cm
New York - MET

Impressionistische uitzondering

De impressionisten hebben weinig schilderijen met religieuze voorstellingen gemaakt, hun interesse lag meer bij het moderne leven.
Bovendien ontvingen zij voor dit soort werken geen specifieke opdracht van kerkelijke autoriteiten.
In het oeuvre van Edouard Manet is dit werk daarom bijzonder te noemen.

Een inscriptie op de linker van de twee stenen waartussen een slang geklemd zit, geeft aan welke scène is afgebeeld: évang. sel. St. Jean / chap.XX v.XII.
Dit vers gaat over Maria Magdalena en luidt als volgt:

En daar zag ze twee engelen in witte kleren zitten, een bij het hoofdeind en een bij het voeteneind van de plek waar het lichaam van Jezus had gelegen.

Op het schilderij van Manet is het lichaam van Christus echter nog aanwezig en wordt het ondersteund door een van de twee engelen.
Was Manet geïnspireerd door het boek La vie de Jésus van Ernest Renan uit dat een jaar eerder was verschenen?
Renan wees hierin de wederopstanding van de hand, onder andere door gebruik te maken van dit hoofdstuk 20 uit het Evangelie volgens Johannes.

De sfeer die het schilderij uitstraalt, sluit hier in elk geval goed bij aan.
Er is geen triomf over de verrijzenis van Christus, maar diepe rouw om zijn dood.
Een dergelijke voorstelling is afkomstig uit de traditie van Spaanse en Italiaanse kunstenaars, zoals twee voorbeelden hieronder laten zien.

De lanswond

Maar een van de soldaten stak een lans in zijn zij en meteen vloeide er bloed en water uit.
(Johannes 19,34)

Hoewel Johannes niet vermeldt in welke zijde van Jezus' dode lichaam aan het kruis de soldaat zijn lans stak, is dit in de iconografie vrijwel altijd de rechterzijde geworden.
Nadat Manet het schilderij had ingediend bij de Parijse Salon van 1864, kwam hij tot de ontdekking dat hij deze traditie niet had gevolgd; de wond van de lans had hij links geschilderd.
Toen Manet dit aan de dichter Charles Baudelaire vertelde, raadde die hem aan de wond over te schilderen, om de critici geen aanleiding tot spot te geven.
De schilder had echter geen tijd meer om zijn fout te herstellen.

Kritiek

Die spot kwam er echter toch, maar om een andere reden.
Op de Parijse Salon kreeg kreeg het schilderij voornamelijk afkeurende reacties en veel kritiek, vooral vanwege de realistische weergave van het dode lichaam van Christus.
De schrijver Théophile Gautier (1811-1872), hoewel bewonderaar van Manets kunst, bracht de bezwaren als volgt onder woorden:

De Christus van mijnheer Manet lijkt het gebruik van water en zeep niet te kennen. De lijkbleekheid van de dood vermengt zich bij hem met smerige tinten, met vieze, donkere schaduwen die zelfs de wederopstanding niet zal wegpoetsen, als een lijk in zo'n staat van ontbinding al kan herrijzen.

Voorgangers

Andrea Mantegna (1431-1506)
Dode Christus ondersteund door twee engelen (1495-00)
Tempera op paneel, 78 x 48 cm
Kopenhagen - Statens Museum for Kunst
Veronese (Paolo Caliari) (1528-1588)
De dode Christus ondersteund door een engel en aanbeden door een franciscaan (1586-87)
Olieverf op doek, 86 x 127 cm
Houston - Museum of Fine Arts