Paul Verheijen

RAFAEL

Leo de Grote

Hunnen en Vandalen

In het jaar 441 werd een in Toscane geboren man van rond de 50 jaar tot paus gekozen.
In de 20 jaar van zijn pontificaat groeide hij uit tot een sterke persoonlijkheid met grote kerkelijke én wereldlijke daadkracht.
Hij was de eerste paus die het primaatschap van de paus duidelijk onder woorden bracht, de eerste paus die de Romeinse titel pontifex maximus aannam en de eerste paus die in de Sint Pieter is begraven.
Leo redde Rome en het Westromeinse Rijk tweemaal van een fatale aanval door Hunnen en Vandalen.
De eerste keer in 452 trad hij bij Mantua aan de oever van de Mincio ten zuiden van het Gardameer Attila de Hun, de 'Gesel Gods', tegemoet die Milaan had geplunderd en op weg was naar Rome om daar hetzelfde te doen.
Attila vond het prima Rome niet aan te vallen en op zijn schreden terug te keren als hij in plaats daarvan een passende jaarlijkse bijdrage van Leo zou verkrijgen.
Drie jaar later belegerde en plunderde Geiserik de Vandaal Rome echter wel, maar Leo voorkwam dat de stad in brand werd gestoken en de bevolking afgeslacht.
Volgens de Legenda Aurea besloot Attila om andere reden van een aanval af te zien.
Bij de ontmoeting zag Attila namelijk naast de paus een verschrikkelijke ridder met een zwaard die tot hem zei dat als hij de paus niet gehoorzaamde hij en zijn volk te gronde gericht zouden worden.
Aan het begin van het korte hoofdstuk over Leo is ook te lezen dat hij eens nadat hij de mis had gelezen in de Santa Maria Maiore door een vrouw op zijn hand werd gekust.
Leo kreeg hierdoor een zware beproeving tot onkuisheid en om dat te voorkomen sneed hij nog dezelfde dag heimelijk zijn hand af die hem geërgerd had (vergelijk Matteüs 18,8).
Het volk begon daarna te morren dat Leo de mis niet meer opdroeg en de paus wendde zich tot de Maria die aan hem verscheen en zijn hand weer aan zijn arm voegde.

Wijziging ontwerp

Wat tegenwoordig de Stanze van Rafaël heet, was de woning van paus Julius II die Rafaël van fresco's moest voorzien.
Vanaf 1511 begon Rafaël aan de gewelven en wanden van de kamer die vanwege het grootste fresco dat hij aanbracht tegenwoordig de Stanza di Eliodoro wordt genoemd.
Thema van de kamer is de bescherming van God over kerk en paus.
In deze kamer bevindt zich in het lunet rond het raam ook het op deze pagina afgebeelde fresco van de ontmoeting van Leo met Attila de Hun.
De schets die Rafaël maakte had betrekking op de slag van Ravenna in 1512 waar paus Julius II de Fransen uit Italië verdreef.
Julius II stierf echter in 1513 en zijn opvolger Leo X d'Medici liet het onderwerp wijzigen in de ontmoeting tussen Leo I en Attila.
Paus Leo I vertoont nu dan ook de trekken van Leo X.
Rafaël wijzigde de versie van de Legenda Aurea door in plaats van de verschrikkelijke ridder de zwaarddragende Petrus en Paulus, de leiders van de Kerk, aan de hemel af te beelden.
Een tweede wijziging is dat hij op de achtergrond Romeinse gebouwen plaatste.
De heuvel rechts is de Monte Mario in Rome waar een door de Hunnen gestichte brand woedt.

Verering

Paus Leo I liet 96 preken na en een kleine 125 brieven, die een uitstekende retorische vorming verraden.
Op zijn naam staat een verzameling liturgische teksten uit circa 440-50, bekend onder de naam Sacramentarium Leonianum of Sacramantarium Veronense genoemd.
Vanwege zijn grote verdiensten kreeg hij de eretitel 'De Grote' en werd hij in midden 18e eeuw tot kerkleraar uitgeroepen.
Zijn feestdag was oorspronkelijk op 11 april, maar werd met de kalenderhervorming van 1969 verplaatst naar 10 november.
Het Roomse Martelaarsboek herdenkt hem op beide dagen, de Oosterse kerk viert zijn feestdag op 18 februari.
Hij wordt vrijwel altijd afgebeeld met pauselijke gewaden en met een tiara.
Rafaël (1483-1520)
Ontmoeting tussen Attila en Leo de Grote (1513)
Fresco
Vaticaanstad - Vaticaanse Musea / Stanza di Eliodoro