Paul Verheijen

FLORENCE SANTA CROCE

Museum

Refter

Het museum is gevestigd in een oud gedeelte van het klooster dat oorspronkelijk dienst deed als refectorium, refter/eetzaal, en voor andere doeleinden. De tentoonstelling beslaat zes zalen met voornamelijk fresco's uit de 14e en 17e eeuw, die uit de basiliek zijn verwijderd. Het museum werd geopend in 1959, maar sloot na de overstroming van 1966 die veel kunstwerken in Santa Croce ernstig beschadigde, en werd in 1975 heropend. Sommige van de tentoongestelde objecten zijn van groot belang voor de kunstgeschiedenis, waarvan hieronder twee voorbeelden.

Cimabue


Giorgio Vasari schrijft in zijn Vite bij de behandeling van Cimabue:
Toen hij met dit werk [een fresco in het hospitaal van de Porcellana] gereed was, werd Cimabue benaderd door dezelfde gardiaan die hem de werken [een Onze-Lieve-Vrouw en een Franciscus] van de Santa Croce had laten maken, en voor hem schilderde hij een groot crucifix op hout, welke men nog steeds in de kerk kan zien.
De in Florence geboren schilder Bencivieni di Pepo of Cenni di Pepo (1240-1302), beter bekend als Cimabue (Italiaans voor 'ossenkop'), wordt door sommige kunsthistorici gezien als degene die aanzet heeft gegeven tot een nieuwe richting in de kunsten welke leidde tot de renaissance.
Dante noemt hem in zijn La Divina Commedia:
Credette Cimabue nella pintura
tener lo campo, e ora ha Giotto il grido,
sì che la fama di colui oscura.

(La Divina Commedia, Purgatorio Canto 11,94-96)
Kreeg Cimabue eerst de grootste eer,
Als schilder, nu wordt Giotto meer geprezen,
En wie hem voorging weet men amper meer.
(De Goddelijke Komedie, Louteringsberg Canto 11,94-96)
Het grote kruisbeeld is gemaakt vóór 1284, maar zeker gedocumenteerd in 1288 door Cimabue. Hoewel Dante hem noemde als de grootste schilder vóór Giotto, weten we eigenlijk heel weinig over hem. Vasari meldt dat Cimabue behalve in Florence ook werkte in Pisa en in de San Francesco in Assisi. Cimabue neemt echter een zeer belangrijke positie in binnen de Italiaanse schilderkunst, aangezien zijn werken de onontkoombare referentie vormden voor schilders uit de veertiende eeuw, onder wie dus Giotto. De werken die met zekerheid aan Cimabue worden toegeschreven, vertonen een duidelijke Byzantijnse invloed. Dit kruisbeeld zal een van zijn hoogtepunten geweest zijn. Hoewel het ernstig beschadigd raakte door de overstroming van 1966, zijn in ieder geval de essentiële onderdelen hersteld. Ook vandaag de dag kunnen we nog steeds de kalmte en vooral het gevoel van volkomen overgave waarderen dat we zien in het lichaam van Christus dat aan de spijkers lijkt te hangen, een soort reus zonder ruggengraat, met een abnormaal lang lichaam dat breder is bij de heupen, bijna vrouwelijke. We weten niet precies waar in de basiliek dit grote kruisbeeld oorspronkelijk geplaatst was, wel dat het in de loop der eeuwen naar verschillende plaatsen in de kerk is verplaatst, naargelang de mode en de smaak veranderden.

De uiteinden van de dwarsbalk van het kruis bevatten afbeeldingen van Maria en Johannes de apostel/evangelist. Het kruisbeeld vertoont daarmee verwantschap met een Calvarië-uitbeelding.

Taddeo Gaddi


Op de achterwand van de refter bevinden zich fresco's van Taddeo Gaddi, een kruisbeeld met de levensboom (in het midden) en aan de voet een - in een kloosterrefter bijna vanzelfsprekend afgebeeld - Laatste Avondmaal. De Levensboom is gebaseerd op de Lignum Vitae, een mystiek traktaat geschreven in de dertiende eeuw door Bonaventura. Het bestaat uit 48 meditaties over het leven van Jezus Christus, georganiseerd aan de hand van een allegorie van een boom. Afgaande op de Latijnse traditie en de vertalingen in de volkstaal, was het traktaat zeer populair in de middeleeuwen. Bonaventura is ook afgebeeld zittend aan de voet van het kruis, met ganzeveer in de hand en banderol op schoot. We zien verschillende takken met 16 figuren uit het Eerste en Tweede Testament.

Aan weerszijden is afgebeeld:
  • Linksboven:
    Franciscus ontvangt de stigmata
  • Rechtsboven:
    Benedictus wordt door Romanus van voedsel voorzien hoewel de duivel het belletje stukgooit
  • Linksonder:
    Lodewijk van Toulouse, franciscaan, voorziet armen van voedsel
  • Rechtsonder:
    Maria zalft de voeten van Jezus tijdens een maaltijd
Het grote fresco is door de eeuwen heen grotendeels gerestaureerd en vertoont grote gelijkenis met de stijl van Giotto.
2016 Paul Verheijen / Nijmegen