Paul Verheijen

VAN GOGH

Opwekking van Lazarus

De opstanding van Vincent

De etsen die je me gestuurd hebt, zijn wel heel mooi. Op de andere kant heb ik een schetsje gekrabbeld naar een schilderij dat ik gemaakt heb van drie figuren die zich op de achtergrond bevinden van de ets van Lazarus: de gestorvene en zijn twee zusters. De grot en het lijk zijn paars, geel, wit. De vrouw die de doek van het gelaat van de opgewekte wegneemt, heeft een groen kleed en oranje haren; de andere heeft zwart haar en een kledingstuk dat groen en roze gestreept is. Erachter een landschap met blauwe heuvels, een gele opgaande zon. De combinatie van kleuren moet aldus op zichzelf van hetzelfde spreken als wat het clair-obscur van de ets uitdrukt.
Als ik het model dat voor de
Berceuse heeft geposeerd en het andere, waarvan je juist het portret naar de tekening van Gaugain hebt ontvangen, nog tot mijn beschikking had, dan zou ik zeker dit doek in groot formaat trachten uit te voeren, daar de personen juist datgene zijn wat ik me als karakters zou hebben gedroomd.
(Brief Saint-Rémy-de-Provence, 2 mei 1890, aan broer Theo)
De Opwekking van Lazarus behoort tot de opmerkelijkste werken die Vincent van Gogh in de laatste maanden van zijn leven schilderde. Het werk ontstond in mei 1890 in Saint-Rémy-de-Provence, kort voordat Van Gogh de inrichting daar verliet en naar Auvers-sur-Oise vertrok.
Van Gogh schilderde het naar eigen zeggen naar een ets van Rembrandt, maar zijn schilderij is geen letterlijke kopie. Juist door ingrijpende veranderingen geeft hij het bijbelverhaal een nieuwe, zeer persoonlijke betekenis. Van Gogh kende deze voorstelling en gebruikte haar als uitgangspunt. Hij deed echter iets zeer ingrijpends: Christus ontbreekt volledig. Waar Rembrandt het wonder laat ontstaan door het woord en gebaar van Christus, concentreert Van Gogh zich op Lazarus en zijn twee zusters. Daardoor verschuift het zwaartepunt van het schilderij. Het is niet langer in de eerste plaats een afbeelding van Christus die een wonder verricht. De toeschouwer ziet vooral een mens die uit de dood terugkeert.

Ook de omgeving is fundamenteel veranderd. Het donkere graf van Rembrandt heeft plaatsgemaakt voor een landschap met een grote, stralende opkomende zon. Achter Lazarus en de vrouwen ligt een geel landschap dat sterk contrasteert met de donkere, blauwgroene en bruine partijen op de voorgrond. Het wonder wordt daardoor niet meer uitsluitend door een goddelijke figuur gesymboliseerd. De zon wordt het dominante beeld van licht, leven en hernieuwde kracht. Het lijkt alsof niet Christus, maar de kracht van de zon Lazarus tot leven brengt.

Van Gogh beschouwde zijn kopieën naar oude meesters niet als eenvoudige reproducties, maar omzetten in zijn eigen artistieke taal. Bij Rembrandt wordt het drama gedragen door licht en donker. Bij Van Gogh wordt het drama gedragen door kleur.
De gele zon, het gele landschap en de oranje-rode baard van Lazarus staan tegenover de blauwe en groenblauwe tonen van de kleding en de omgeving. De kleurcontrasten vervangen gedeeltelijk het clair-obscur van Rembrandt. Daarmee wordt Van Goghs schilderij tegelijkertijd een eerbetoon aan de zeventiende-eeuwse meester én een demonstratie van zijn eigen moderne schilderkunst.

Het procédé sluit aan bij andere kopieën die Van Gogh in Saint-Rémy maakte. Zie bijvoorbeeld zijn Barmhartige Samaritaan en zijn Piëta naar Eugène Delacroix. Hij gebruikte dergelijke werken bovendien als een manier om tijdens zijn verblijf in de inrichting artistiek actief te blijven.

Het meest intrigerende aspect is de figuur van Lazarus zelf. Zijn rode baard doet sterk denken aan Van Gogh. Daardoor krijgt de titel Opwekking van Lazarus een tweede betekenislaag. Lazarus is niet alleen de bijbelse dode die weer tot leven komt, maar kan ook worden gezien als een beeld van Van Goghs eigen verlangen naar herstel en een nieuw begin. Dat is bijzonder betekenisvol gezien het moment waarop het schilderij ontstond. Van Gogh verbleef toen nog in de inrichting van Saint-Rémy. Op 16 mei 1890 verliet hij de inrichting en vertrok hij naar Auvers-sur-Oise. Het schilderij dateert uit precies die laatste periode in Saint-Rémy. Daarom is het verleidelijk om Lazarus als een soort alter ego van Van Gogh te beschouwen: iemand die uit een toestand van duisternis en afzondering tevoorschijn komt en opnieuw naar het licht gaat. Die interpretatie moet echter niet worden opgevat als een letterlijk zelfportret. De overeenkomst met Van Gogh zit vooral in de rode baard en de symbolische situatie, niet in een exacte weergave van zijn gezicht.

Naast Lazarus staan zijn zusters Maria en Marta. Hun aanwezigheid is essentieel. Zij vertegenwoordigen de menselijke reactie op het wonder: verbazing, ontroering en ongeloof. Van Gogh gaf de vrouwen bovendien een eigen betekenis door voor hun gezichten gebruik te maken van modellen die hij kende. Hij koppelde de figuren van de twee zusters bewust aan hem bekende vrouwen. Het bijbelse verhaal wordt daarmee opnieuw verbonden met Van Goghs eigen wereld. De personages zijn geen abstracte figuren uit een ver verleden, maar mensen uit zijn eigen herinnering.

De enorme gele zon is een nieuw element. Zij is tegelijkertijd natuurverschijnsel, kleurbron en symbool. Van Gogh had een bijzondere verhouding tot de zon: in zijn schilderijen uit Arles en Zuid-Frankrijk werd zij een bijna zelfstandige kracht. Hier krijgt zij een bijzondere functie. Het is alsof de hele compositie zich beweegt van de donkere linker- en onderzijde naar het licht achter Lazarus. De wederopstanding wordt zo verbonden met de dagelijkse ervaring van een nieuwe ochtend. Juist daardoor is het werk zeker geen traditionele illustratie van het bijbelverhaal, maar een persoonlijke meditatie over dood, herstel en hoop.

De datum maakt het werk extra aangrijpend. Van Gogh zou op 29 juli 1890, slechts enkele maanden later, in Auvers-sur-Oise overlijden. De opwekking van Lazarus staat dus vrijwel letterlijk aan het einde van zijn kunstenaarsleven. Dat maakt de tegenstelling tussen titel en biografie bijzonder sterk: de schilder van Lazarus' terugkeer naar het leven bevond zich zelf in een periode van ernstige psychische problemen, maar werkte tegelijkertijd aan een nieuwe artistieke toekomst.
Vincent van Gogh (1853-1890)
Opwekking van Lazarus (1890)
Olieverf op papier, 50 x 65 cm (LH 1972)
Amsterdam - Van Gogh Museum
2016 Paul Verheijen / Nijmegen