Paul Verheijen

GOVERT FLINCK

Wegzending van Hagar

Emoties

In het verhaal van Hagar en haar zoon Ismaël wordt hun wegzending door Abraham in slechts één vers tamelijk droog verteld.
De volgende morgen vroeg nam Abraham brood en een zak water, legde die op Hagars schouder, gaf haar ook het kind mee en stuurde haar weg.
(Genesis 21,14)
Govert Flinck schildert deze wegzending echter op hartverscheurende wijze.
Ismaël is getooid met een joods keppeltje en wrijft met zijn linkerhand de tranen uit zijn ogen.
Hagar wijst met haar rechterhand vertwijfeld naar haar zoon alsof ze wil zeggen: 'en hij dan, moet hij ook weg?'
Abraham zendt Hagar tegen zijn zin weg, omdat het moet van God.
De waterzak die hij moeder en zoon meegeeft, hangt aan Hagars linkerarm.
Abrahams hand wijst het schilderij uit, want aldaar zal zich de woestijn bevinden.

Flinck buit de sterke emotionaliteit van het tafereel sterk uit in de gezichtsuitdrukkingen en gebaren van de drie hoofdpersonen.
Het schilderij toont een in de jaren 40 van de 17e-eeuw door Flinck ontwikkelde schildering die zich kenmerkt door lichtere, kleurrijkere tonen, minder sterke contrasten en een gladder oppervlak.
Röntgenfoto's tonen een wijziging in de samenstelling in het rechter gebied.
Flinck had daar aanvankelijk twee andere figuren bedacht, Sara en Isaak, die hij opnieuw overschilderde met de piramidale groep van drie personen en maakte er op die manier een compactere compositie van.
Govert Flinck (1615-1660)
De wegzending van Hagar (1632-52)
Olieverf op doek, 111 x 139 cm
Berlijn - Gemäldegalerie
2016 Paul Verheijen / Nijmegen