Paul Verheijen

MICHELANGELO'S DAVID

Een uniek beeldhouwwerk

Michelangelo Buonarroti (1475-1564)
David (tussen 1501 en 1504)
Carraramarmer, 517 cm (incl. voetstuk)
Florence - Galleria dell'Accademia

Aantrekkingskracht

Waarom staan er jaarlijks twee miljoen mensen in Florence in de rij bij de Galleria dell’ Accademia om een enorm gebeeldhouwd werk van een naakte man te aanschouwen?
Omdat het ruim een half millennium oud is?
Omdat het universele aantrekkingskracht heeft?
Omdat het van de grote Michelangelo is?
Omdat het een perfect beeld is?
Of omdat Giorgio Vasari er in zijn Le Vite dit over schrijft:
Chi vede questa non dee curarsi di vedere altra opera di scultura fatta nei nostri tempi o negli altri da qual si voglia artefice
(wie dit heeft gezien hoeft beslist geen moeite te doen andere beeldhouwwerken te bekijken, gemaakt in onze tijd of welke andere tijd en van welke kunstenaar dan ook.)

Nieuw heroïsch type

In het voorjaar van 1501 vertrok de 25-jarige Michelangelo uit Rome en ging op uitnodiging van het republikeinse bestuur terug naar Florence.
De vier volgende jaren werden een periode waarin hij zijn persoonlijkheid en zijn technisch meesterschap tot volle ontplooiing kon brengen.
Zijn beeldhouwtaal werd strenger, meer uitgewogen klassiek.
Hij introduceert een nieuw heroïsch type: resoluut, onverschrokken en zelfverzekerd.

Voor het onderhoud en de decoratie van de Dom in Florence, de Santa Maria del Fiore, was de Arte della Lana, het Wolgilde, verantwoordelijk.
Dit gilde schakelde Michelangelo in en op 16 augustus 1501 tekende hij een contract voor het maken van een marmeren David dat bovenop een van de steunberen van de Dom geplaatst zou worden of aan de voorgevel.
De bronnen hierover zijn niet eensluidend.

Nutteloos marmer

De bestuurders van de Santa Maria del Fiore hadden een kolossaal marmerblok bewaard, dat honderd jaar tevoren in Carrara was uitgehouwen door een kunstenaar die, te oordelen naar wat ervan te zien was, niet bepaald bedreven was.
Niemand wist met zo'n deels bewerkt en afgedankt blok marmer goed raad.
Agostino di Duccio had in 1464 een poging ondernomen en twaalf jaar later Antonio Rossellino, maar beiden hadden het moeten opgeven.
Zo bleef het blok op een binnenplaats bij de Dom liggen, male abbozatum et sculptum, slecht behakt en bewerkt.

Uitdaging

Alleen een genie als Michelangelo was tegen die uitdaging opgewassen en het gevecht aan te gaan met de marmeren massa en met de voorafgaande mislukkingen.
In september mat hij het blok op, een maand later liet hij een houten loods optrekken, zodat hij beschut zou kunnen werken.

Waar te plaatsen?

Men vond het ongepast om zo’n prachtig werk op een hoge plek in de Dom neer te zetten.
Op 25 januari werd er een pratica gehouden.
De beroemdste schilders en beeldhouwers kwamen bijeen om uit te maken waar men de David dan wél zou plaatsen.
Leonardo da Vinci stelde voor het beeld te installeren onder de loge van Orcagna, aan de Piazza della Signoria, in een zwarte nis om het beter te laten uitkomen.
Die suggestie werd verworpen.
Het werd uiteindelijk opgesteld voor het Palazzo Vecchio, waar een beeld van Donatello stond, Judit en Holofernes, dat naar de plaats onder de genoemde loge verhuisde.

Sprekend marmer

De Florentijnen waren van oudsher bewonderaars van vakmanschap en technische virtuositeit en in de David bereikte Michelangelo een welsprekendheid in marmer van zeer hoog niveau.
Los van de bevestiging van zijn uitzonderlijke meesterschap, vertoont deze bijbelse figuur een reeks spanningen die een geheel andere, veel subtielere boodschap overbrengen.

De bijbelse David

In de loop der eeuwen is er in verband met de geschiedenis van koning David een rijke iconografie ontstaan.
In de bijbel begint de Davidcyclus in 1 Samuel 16.
De profeet Samuel krijgt van God de opdracht een nieuwe koning voor Israël te zalven, omdat koning Saul door God is verworpen.
Samuel vertrekt naar Betlehem.
Zeven zonen van Isaï blijken niet in aanmerking te komen.
Gods oog valt op David, de achtste en jongste zoon van Isaï.
Hij hoedt de schapen, reden waarom hij een slinger gebruikt om wilde beesten op afstand te houden.
Vervolgens verschijnt David als de jonge citerspeler die als enige in staat is de diepe droefgeestigheid van koning Saul te verdrijven.
Het sterkste beeld is dat van de jonge David die de strijd aangaat met de Filistijnse reus Goliat. →

In de strijd tussen de Israëlieten en de Filistijnen daagt de Filistijnse reus Goliat, gewapend met zwaard, speer en sabel, de Israëlieten veertig dagen achtereen elke ochtend en avond uit hem te verslaan.
Pas dan zullen de Filistijnen capituleren.
Koning Saul looft als beloning zijn dochter als bruid uit voor degene die Goliat weet te verslaan, maar alle soldaten slaan op de vlucht als Goliat verschijnt.
De herdersjongen David krijgt van zijn vader de opdracht eten te brengen naar zijn oudste drie broers die met Saul ten strijde zijn getrokken en te berichten hoe het met hen gaat.
Als David zijn broers aan het front heeft gevonden, verschijnt Goliat wederom ten tonele.
Tot zijn stomme verbazing ziet David de soldaten op de vlucht slaan en verwijt dat de soldaten.
Saul laat daarop David bij zich komen die zegt dat hij Goliat wil verslaan.
Saul vindt hem daar nog veel te jong voor, maar David beroept zich op zijn werk als herder waarbij hij al vele beren en leeuwen heeft gedood die zijn kudde bedreigden.
David krijgt vervolgens het krijgstenue van Saul aangeboden, maar dat vindt David te ongemakkelijk zitten. →

In een beek zoekt hij vijf gladde stenen uit en doet die in zijn herderstas.
Met zijn slinger in de ene hand en een stok in de andere gaat hij af op Goliat.
Als Goliat hem ziet, begint hij David te bespotten om zijn jonge uiterlijk en zijn belachelijke wapens.
Als de reus vervolgens tot de aanval overgaat, neemt David een steen uit zijn tas en slingert die naar het hoofd van Goliat.
De steen dringt door in het voorhoofd van de reus en hij valt voorover op de grond.
David grijpt vervolgens Goliats eigen zwaard en onthoofdt hem daarmee.
Als de Filistijnen dit zien, slaan ze op de vlucht.

Door dit verhaal werd David een legendarische figuur in het jodendom.
In de christelijke traditie groeide David uit tot prefiguratie van Christus als overwinnaar van Satan.

Donatello

Donatello (1386-1466)
David
Links: Marmer, 191 cm (1400)
Rechts: Brons, 158 cm (1440-50)
Florence - Bargello

Florentijnse beeldhouwers van het quattrocento als Donatello hadden dit thema al eerder en soms meer dan eens verwerkt.
Michelangelo nam afstand van deze voorbeelden.
Hij wijdde zich met volle inzet aan de creatie van een figuur die heroïsch en uitgebalanceerd is, een toonbeeld van concentratie.

Correct

De republiek Florence wilde dit bijbelse thema uitbuiten voor een politiek en moreel doel.
De houding van David moest een voorbeeld zijn voor de concrete situatie waarin hun stad verkeerde, ingeklemd tussen de militaire oppermacht van de Sforzas in Milaan, de havenstad Pisa en de geestelijke en wereldlijke macht van de pausen in Rome.
Directe verwijzingen naar het bijbelverhaal, zoals het afgehakte hoofd van Goliat in het beeld van Donatello, moesten vermeden worden.
Wat de bestuurders verlangden was een nobele, serene pose, maar wel geladen met uiterste concentratie en spanning.
Kortom, een figuur die model stond voor goed en correct gedrag.

Onbesneden

Los van de geringe afmeting van Davids geslachtsdeel (een groot geslacht werd beschouwd als oversekst en dus ongepast) kan de vraag worden opgeworpen waarom het niet is besneden.
David was immers een Joodse jongen.
Mocht David niet als Jood uitgebeeld worden?

De vorm

De grootte van het beeld is verrassend, de houding geniaal.
Michelangelo gebruikte de klassieke houding van de contrapost om de illusie te wekken dat David naar rechts leunt en zijn linkerbeen bijna geen gewicht draagt.
Maar ook dat linkerbeen ondersteunt vele kilo's marmer.

David, de burgerkrijger kijkt in de verte en de ogen met de gefronste wenkbrauwen zijn fijn gedetailleerd, met sterk geaccentueerde pupillen als teken van intense waakzaamheid.
De armen daarentegen zijn ontspannen.
De riem van de slinger loopt diagonaal over de rug van de jonge held naar zijn rechterhand waarin hij losjes de steen vasthoudt.
Alleen uit de gelaatstrekken spreekt de extreme concentratie die aan zijn gewelddaad voorafgaat.
Dit is niet langer de herdersjongen uit de bijbel, maar de verpersoonlijking van een immense kracht die zich kan ontladen in een alles vernietigende woede.
Die innerlijke krachten worden ook vertolkt door de licht overdreven proporties van het hoofd en van de handen ten opzichte van de rest van het lichaam.
De vormgeving is tot in de kleinste details uitgewerkt en gepolijst: gezwollen aderen, aangespannen spieren en in alle richtingen krullende haarlokken.
Met een ongewone rijkdom aan anatomische details wilde Michelangelo de complexiteit van de mens tot uitdrukking brengen.
Het geheel heeft in al zijn bewegingloosheid iets ongrijpbaars: een soort verstard wachten, als voorspel op de beweging, op de explosie van geweld.

De opstelling toen en nu

Michelangelo heeft met de David een perfectie bereikt die zelfs bij de grote meesters van de eeuw daarvoor zelden was geëvenaard.
De burgers van Florence waren zich daarvan bewust en de opstelling van het beeld op de Piazza della Signoria wekte grote beroering in de stad.
Volgens sommige kroniekschrijvers werd het een dramatisch evenement.
Op 14 mei 1504 bracht men vanuit de binnenplaats van de Santa Maria del Fiore Il Gigante, de Reus, te voorschijn, zoals hij al spoedig werd genoemd.
Hij werd rond middernacht verzeuld en men moest de muur boven de poort afbreken om het beeld erdoor te krijgen.
Gedurende de nacht wierpen mensen stenen tegen de reus om hem omver te halen.
Het was zo erg dat men bewakers moest inzetten.

In 1873 werd de David verplaatst naar de Accademia di Belle Arti, tegenwoordig Galleria dell’ Accademia geheten.
Men gebruikte daarvoor een ingewikkelde ondersteuningsconstructie op wielen.
Op de oude plek werd een replica neergezet, maar dat was pas in 1910.
In 2004 is het originele beeld grondig schoongemaakt.

Betekenis

Dit trotse beeld was, gelijk het temperament van Michelangelo, hét kenmerk van de stad Florence.
De David stelt zowel Fortezza (Kracht) als Ira (Toorn) voor, twee belangrijke deugden uit de renaissance.
Kracht in het harmonische en krachtige lichaam, de rechterhelft statisch, terwijl zijn linkerbeen naar voren staat en buigt net als de arm met de slinger.
De Toorn zit in het waakzame, ontsloten gezicht.