Paul Verheijen

TEMPELREINIGING

Matteüs Marcus Lucas Johannes
Jezus ging de tempel binnen en joeg iedereen weg die daar iets kocht of verkocht. Hij gooide de tafels van de geldwisselaars en de stoelen van de duivenverkopers omver en riep hun toe: ‘Er staat geschreven: “Mijn huis moet een huis van gebed zijn,” maar jullie maken er een rovershol van!’
(Mt 21,12-13)
Ze kwamen in Jeruzalem. Hij ging de tempel binnen en begon iedereen die daar iets kocht of verkocht weg te jagen; Hij gooide de tafels van de geldwisselaars en de stoelen van de duivenverkopers omver, en Hij liet niet toe dat iemand voorwerpen over het tempelplein droeg. Hij hield de omstanders voor: ‘Staat er niet geschreven: “Mijn huis moet voor alle volken een huis van gebed zijn”? Maar jullie hebben er een rovershol van gemaakt!’
(Mc 11,15-17)
Hij ging naar de tempel, waar Hij de handelaars begon weg te jagen, met de woorden: ‘Er staat geschreven: “Mijn huis moet een huis van gebed zijn,” maar jullie hebben er een rovershol van gemaakt!’
(Lc 19,45-46)
Kort voor het Joodse pesachfeest reisde Jezus naar Jeruzalem. Daar trof Hij op het tempelplein de handelaars in runderen, schapen en duiven aan, en de geldwisselaars die daar altijd zaten. Hij maakte een zweep van touw en joeg ze allemaal de tempel uit, met hun schapen en runderen. Hij smeet het geld van de wisselaars op de grond, gooide hun tafels omver en riep tegen de duivenverkopers: ‘Weg ermee! Jullie maken een markt van het huis van mijn Vader!’ Zijn leerlingen dachten aan wat er geschreven staat: ‘De hartstocht voor uw huis zal Mij verteren.’
(Joh 2,13-17)

Verdrijving

In tegenstelling tot de drie synoptici plaatst de evangelist Johannes het verhaal van de tempelreiniging reeds aan het begin van Jezus' optreden.
Zijn versie is ook het langst, het meest aanschouwelijk, maar ook het meest gewelddadig vanwege de zweep die Jezus van touw maakt.
Verschaft Johannes ons hier een reden waarom de autoriteiten Jezus wilden arresteren: dit nogal gewelddadige optreden in de tempel?
Degenen die Jezus gewoonlijk als 'pacifistisch' voorstellen, moeten ook de versie van Johannes lezen.

Het onderwerp van Christus die de handelaren en geldwisselaars uit de tempel verdrijft, kreeg tijdens de contrareformatie een speciale betekenis als een symbolische verwijzing naar de zuivering van de kerk van ketterij.
Voor kunstenaars bood dit verhaal een prima mogelijkheid om uiteenlopende emoties, gebaren en houdingen uit te beelden.
2016 Paul Verheijen / Nijmegen