Paul Verheijen

JHERONIMUS BOSCH

Tuin der lusten


7 - Middenpaneel

Het middenpaneel, waaraan het hele triptiek zijn naam te danken heeft, sluit naadloos aan op het linkerpaneel en zit vol symboliek die elke middeleeuwer waarschijnlijk begreep.
Is de mossel, metafoor voor het vrouwelijk geslachtsdeel, die een naakt paartje opvreet op te vatten als een waarschuwing voor overmatig seksueel verkeer?
Is dat de essentie van het schilderij?
Is het een waarschuwing tegen een losbandig leven?
Heeft Bosch daarom ook de Madrono of boomaardbei, twee rode besjes aan een steeltje, op verschillende plekken geschilderd?
De oude Romeinen waarschuwden al voor deze vrucht: wie er teveel van eet, wordt ziek.
Het paneel is een apotheose van dubbelzinnigheid.
Naarmate je de drie treden van dit trapsgewijs gecomponeerde schilderij beklimt, zie je ook duidelijker wat de hoofse lieden op de eerste trede - die zich met elkaar onderhouden - motiveert.
De goede vormen gaan weldra over in de derde van de zeven hoofdzonden die op de tweede trede wordt getoond:

1.Superbia (hoogmoed - hovaardigheid - ijdelheid)
2.Avaritia (hebzucht - gierigheid)
3.Luxuria (onkuisheid - lust - wellust)
4.Invidia (nijd - jaloezie - afgunst)
5.Gula (onmatigheid - gulzigheid - vraatzucht)
6.Ira (woede - toorn - wraak - gramschap )
7.Acedia (gemakzucht - traagheid - luiheid - vadsigheid)

De derde trede, geheel bovenin, laat het rijk van de tegennatuurlijkheid zien.
Het landschap is vrijwel hetzelfde als op het linkerpaneel en bevat dezelfde vreemde rotsformaties en exotische flora en fauna.
In detail is het middenpaneel echter compleet anders. Zo bevat het onmogelijke elementen, zoals een plant, die uit een ei groeit, mansgrote vruchten, vliegende vissen en fabeldieren, zoals een griffioen, die de schilder wederom ontleende aan een gravure van Martin Schongauer.
Het lijkt alsof de schilder Gods schepping hier ondersteboven keert.
Op de bol staat een stelletje op zijn kop.
De wereld staat op zijn kop en is hier niet wat hij zou moeten zijn.
Bovendien krioelt het er van de mensen, die naakt zijn afgebeeld.
Opvallend is dat kinderen en oude mensen ontbreken.
Onder de mensen bevinden zich ook mythische figuren zoals behaarde wilden, zeemeerminnen en zeeridders.
Behaarde wilden waren in de kunst en literatuur van Bosch' tijd ongecultiveerde, goddeloze types, die in verband gebracht werden met een ongeremde seksualiteit.
De schilder beeldt ze af als vrouw, waarmee hij dus seksueel ongeremde vrouwen lijkt te hebben willen afbeelden.
Onder de mensen bevinden zich ook enkele negroïde vrouwen.
Ook deze hadden in de middeleeuwen een negatieve betekenis en werden in verband gebracht met het kwaad, terwijl de zeemeermin in Bosch' tijd gebruikt werd als zinnebeeld voor de verleiding.
De mensen op de voorgrond eten van enorme vruchten.
Volgens De Tolnay zijn de kersen, de aardbeien, de frambozen en de druiven niets anders dan de goddeloze symbolen van geslachtelijke lust.
De appelvormige borst roept associaties op met de vrouwelijke borst, terwijl de vogels ontucht en schande symboliseren, de zeevis wellust en angst en de schelp de vrouwelijkheid.
De glazen bol rondom een minnend paar en de glazen stolp waaronder zich drie personen bevinden illustreert volgens hem het spreekwoord ‘Geluk en glas, zij breken ras’.
Centraal op het middenpaneel rijdt een bonte stoet mannen tegen de klok in om een vijver met vrouwen.
Deze rondrit ontleende de schilder aan moraalliteratuur, waarin dergelijke rondritten gelijkgesteld werden met zondigheid en lustverslaving.
Hij zou ook kunnen samenhangen met de zogenaamde ‘moreskendans’, die vaak een erotische lading had. Het fallussymbool van een van de rijdieren verwijst hiernaar.
Bovendien rijden de mannen op en tussen dieren, waarmee de schilder lijkt te willen aangeven dat de mens zich door dierlijke driften laat leiden.
In de achtergrond op het middenpaneel komen dezelfde wonderlijke rotsformaties voor als die op het linkerpaneel.
Te midden van deze rotsformaties staat ook eenzelfde soort fontein als op het paradijspaneel.
Alleen hier loert geen uil onderin door een gat, maar betast een bebaarde man een jonge vrouw.
Herkennen we in deze ‘Fontein van de Echtbreuk’ een halvemaan als teken van ongeloof?
En zijn de vier rotsformaties ‘burchten van de ijdelheid’?
Uit het meer waar deze fontein in staat ontspringen vier rivieren, wat een verwijzing kan zijn naar het paradijs.

1 - Inleiding
2 - Herkomst
3 - Datering
4 - Christelijk of ketters?
5 - Buitenzijde
6 - Linker binnenluik
7 - Middenpaneel
8 - Rechter binnenluik
9 - Betekenis


2016-2018 Copyleft - Paul Verheijen
Nijmegen