Paul Verheijen

AGNES

Roomse Martelaarsboek

Het Martyrologium Romanum gedenkt Agnes twee keer en wel op 21 en 28 januari.
Het schrijft op 21 januari:
Te Rome de marteldood van de heilige maagd en martelares Agnes. Onder de stadsprefect Symphronius werd zij in het vuur geworpen; doch toen dit door haar gebed geblust werd, doodde men haar met het zwaard. De zalige Hiëronymus schrijft van haar: 'Bij alle volken en in alle talen, vooral in de kerken heeft men zowel met de pen als met de mond de lof verkondigd van het leven van Agnes, die zowel op haar leeftijd als op de dwingeland een overwinning behaalde en die het sieraad van haar zuiverheid door de marteldood heeft geheiligd.'

Als een lam

De legende van Agnes gaat terug op twee tradities, een Griekse en een Latijnse.
Die hebben betrekking op twee verschillende martelaren en werden later met elkaar gecombineerd en opgesmukt met tal van details.

De Latijnse overlevering heeft het over een twaalfjarig meisje dat tijdens de christenvervolgingen van Diocletianus omstreeks 305 gekeeld werd.
De Griekse traditie spreekt van een volwassen maagd.
Omdat de vrouw weigerde te offeren aan de godin Vesta, werd ze naakt naar een bordeel gebracht.
Maar God liet haar haren zo lang groeien dat ze haar lichaam helemaal bedekten, en hij stuurde een engel die haar kleedde in een wit gewaad.
Een jongeman die poogde haar te verkrachten, viel dood neer.
Toen de prefect haar over deze onverklaarbare dood ondervroeg, zei Agnes dat ze verdedigd was door een in het wit geklede engel die optrad als haar lijfwacht.
Om haar geloofwaardigheid te vergroten, deed ze een voorbede bij God, waarna de jongeman weer tot leven kwam.
Verder wordt er verteld dat ze in het vuur geworpen werd, maar omdat de vlammen uiteenweken, bleef ze ongedeerd.
Tenslotte sneed men Agnes de keel door.

Het lam is haar voornaamste attribuut.
Haar naam is afgeleid van het Griekse hagnos dat vertaald kan worden met 'vereerd', 'heilig' of 'rein'.
Dit woord heeft een klankovereenkomst met het Latijnse woord agnus, dat 'lam' betekent.

Agnes is daarmee een van de eerste heiligen met een iconografisch attribuut.
Ze wordt gewoonlijk afgebeeld als jonge vrouw met de palmtak van het martelaarschap en met een lammetje aan haar voeten of in haar armen.
Soms is haar lichaam bedekt met lange lokken.