Paul Verheijen

SANTA MARIA MAGGIORE ROME

Mozaïeken

Serene sfeer

Veel tijdperken uit de kunstgeschiedenis hebben hun sporen achtergelaten in de Santa Maria Maggiore, maar het interieur is nog steeds identiek aan dat van de oorspronkelijke basiliek, die in de 5e eeuw werd gebouwd. Onder de gevelbekleding in renaissance- en barokstijl heeft het gebouw, dat ter ere van Maria werd gebouwd door Sixtus III, zijn oude structuur en oorspronkelijke metselwerk behouden. Sixtus liet het schip en de triomfboog versieren met mozaïeken. Het behoud van de meeste van deze mozaïeken stelt ons in staat om de plechtige en serene sfeer van de oorspronkelijke basiliek opnieuw te beleven.
De oorspronkelijke mozaïekversiering omvatte een grote inscriptie aan de binnenzijde van de gevel, mozaïeken met afbeeldingen uit het Eerste Testament in het schip, scènes uit de kindertijd van Jezus op de triomfboog en het grote mozaïek van de apsis. Deze apsis en het bijbehorende mozaïek gingen verloren tijdens de hervormingen van Nicolaas IV (paus van 1288-1292). Om het priesterkoor te vergroten liet hij de huidige apsis bouwen (zie onder). De basiliek werd er ongeveer 7 meter langer door. Hij versierde de apsis met een mozaïek gemaakt door de franciscaan Jacopo Torriti. Over de inhoud van het oorspronkelijke apsismozaïek van Sixtus is niets overgeleverd. Volgens een vrij aannemelijke theorie zou dat mozaïek de Heilige Maagd Maria met het Christuskind hebben afgebeeld, omringd door martelaren. Dit leek ook te worden bevestigd door het opschrift aan de binnenzijde van de gevel, dat eveneens volledig verloren ging tijdens de werkzaamheden in opdracht van kardinaal Pinelli in 1593, maar waarvan de inhoud wel is overgeleverd in enkele middeleeuwse geschriften.

Ondanks deze verliezen vormen de overgebleven mozaïeken uit de 5e eeuw een meesterwerk van vroegchristelijke mozaïekkunst. In de periode tussen de klassieke en middeleeuwse kunst vormen ze het eerste voorbeeld van een decoratief complex dat de gehele kerk omvat. Een eensgezind programma en een eensgezinde boodschap, verkondigd aan de gelovigen door middel van het opschrift op de triomfboog: Xystus episcopus plebi Dei, 'Sixtus, bisschop, aan het volk van God'.
Een stilistische analyse maakte het mogelijk om het relatief hoge aantal uitvoerders van het mozaïek vast te stellen: vijf voor de mozaïeken van de triomfboog en acht voor het schip. Ondanks de stilistisch verschillende werkmethoden van de ambachtslieden, weerspiegelen ze allemaal dezelfde verfijnde cultuur en artistieke historiciteit in de reproductie van de puur christelijke en Maria-gerelateerde inhoud van het samenhangende programma.

Mozaïeken middenschip

Boven de zuilen bevonden zich oorspronkelijk aaneengesloten vensters. Tegenwoordig zijn de vensters om en om dichtgemetseld en voorzien van een schildering. De mozaïeken van het middenschip zijn boven de zuilen aangebracht onder al deze vensters. Verdeeld in twee rijen beginnen beide reeksen met het mozaïek dat het dichtst bij de triomfboog staat.

Niet alle mozaïeken van het middenschip zijn bewaard gebleven: sommige werden gedeeltelijk gerestaureerd door de verloren mozaïekstukjes te vervangen door schilderingen, en andere, die wellicht te zwaar beschadigd waren, werden geheel vervangen door geschilderde taferelen in opdracht van kardinaal Pinelli (1593), waaronder de twee taferelen aan de binnenzijde van de gevel (21a en 42a), die oorspronkelijk alleen de grote inscriptie van Sixtus III droegen. Zes mozaïeken (04-05-06 en 25-26-27) werden vernietigd toen in het begin van de 16e eeuw doorgangen naar de Cappella Paolina werden geopend, en in de 17e eeuw naar de Cappella Sistina. In het schema staan de verwijderde mozaïeken tussen haakjes. De inhoud van sommige daarvan is bekend dankzij tekeningen uit de zeventiende eeuw.
De meeste originele mozaïeken tonen twee verschillende, maar complementaire scènes: één aan de bovenkant en één aan de onderkant.
De thema's voor het schip zijn ontleend aan het boek Genesis, scènes uit het verhaal van Abraham, Isaak en Jakob (links, 01-21) en aan de boeken Exodus, Numeri, Deuteronomium en Jozua (rechts, 22-42). Ze illustreren de vervulling van Gods profetie dat Abraham de vader van een groot volk zou worden: de twaalf stammen van Israël, het uitverkoren volk waaruit de Messias geboren zou worden, stammen immers af van zijn achterkleinkinderen. In deze cyclus wordt belang gehecht aan de vrouwen van de aartsvaders, met name Rachel.
De rechterrij toont scènes uit het leven van Mozes en Jozua: het laat zien hoe God het uitverkoren volk helpt in de strijd tegen hun vijanden, tot aan hun aankomst in het Beloofde Land.

De 27 originele mozaïeken

01 - Genesis 14:18-20

Melchisedek laat Abram brood en wijn brengen

02 - Genesis 18:1-8

Abraham en de drie engelen

03 - Genesis 13:5-12

Scheiding tussen Abram en Lot

07 - Genesis 27

Jakob ontneemt Esau de zegen

09 - Genesis 29:12-13

Jakob bij Laban

10 - Genesis 29:15-20

Jakob vraagt Rachel tot vrouw

11 - Genesis 29:21-30

Jakob eist Rachel tot vrouw maar krijgt Lea

12 - Genesis 30:25-43

Scheiding van de kuddes van Laban en Jakob

13 - Genesis 31:1-16

God draagt Jakob op terug te keren naar zijn land

15 - Genesis 32:2 - 33:17

Jakob oog in oog met Esau

16 - Genesis 22:5-6

Abraham op weg om Isaak te offeren

17 - Genesis 33:18 - 34:7

Jakob koopt land en hoort dat dochter Dina is verkracht door Sichem

18 - Genesis 34:8-24

Onderhandeling over huwelijk Dina

23 - Exodus 2:10 en De Vita Moysis

Farao's dochter adopteert Mozes en Mozes' dispuut met filosofen

28 - Exodus 13:17 - 14:31

Doortocht door de Rietzee

29 - Exodus 15:22 - 16:36

Israël in de woestijn op de proef gesteld

30 - Exodus 15:24-25 en Exodus 17:8

Mozes maakt bitter water zoet en wordt aangevallen door de Amalekieten

31 - Exodus 17:9-16

Mozes overwint Amalekieten met omhooggeheven armen

32 - Numeri 13:25 - 14:10

Verslag van de verkenners van Kanaän en steniging door God verijdelt

33 - Deuteronomium 31:24-29 en 34:01-05 en Jozua 3:6

Mozes overhandigt wetboek en sterft op de Nebo; priesters dragen Ark van het Verbond

34 - Jozua 3:14-17 en Jozua 2:1

Tocht over de Jordaan en spionnen naar Jericho gestuurd

35 - Jozua 5:13-15 en Jozua 2

Jozua ontmoet man met getrokken zwaard en Rachab redt spionnen

36 - Jozua 6

Vernietiging van Jericho

37 - Jozua 10:7-10

God zaait paniek in de slag bij Gibeon

38 - Jozua 10:11

God werpt hagelstenen in de slag bij Gibeon

39 - Jozua 10:12-14

Jozua's gebed: 'Zon, sta stil boven Gibeon'

40 - Jozua 10:22-23

Jozua gaat de Amoritische koningen executeren

Mozaïeken apsisschelp

Het mozaïek in de huidige apsis stelt voor de Kroning van de Madonna. Daaronder bevinden zich tussen de vensters de ontslaping van Maria en wat kleinere mozaïeken met van links naar rechts:
  • Annunciatie
  • Geboorte Christus
  • Aanbidding van de Wijzen
  • Opdracht in de tempel

Mozaïeken triomfboog

De mozaïeken van de triomfboog symboliseren de uiteindelijke vervulling van de profetie door de geboorte van de Messias. Alle scènes beelden de kindertijd van Jezus uit en zijn gerangschikt in boven elkaar geplaatste registers, elk met twee velden.

Eerste register

Het eerste register is het breedste van de drie. Daarom konden zowel links als rechts twee scènes in één afbeelding worden geplaatst naast een lege troon in het midden. De gehele constructie van de triomfboog wordt gedomineerd door deze lege troon, geflankeerd aan weerszijden door de apostelen Petrus en Paulus. Op de troon liggen een kroon en een kruis bezet met edelstenen. Op een krukje aan de voet van de troon bevindt zich een perkamentrol met zeven zegels. De armleuningen zijn versierd met twee medaillons die Petrus en Paulus afbeelden. Boven het hele bouwwerk verrijzen de vier gevleugelde symbolen van de evangelisten. Dit is de troon van God zoals beschreven in het laatste bijbelboek Openbaring, die Christus ook als rechter zal dienen op de Dag des Oordeels.
Hieronder bevindt zich het eerdergenoemde opschrift van Sixtus: Xystus episcopus plebi Dei. Het woord episcopus staat precies onder de lege troon en toont aan dat de troon van Christus als rechter ook de troon is van de bisschop van Rome, die, als vertegenwoordiger van Christus en opvolger van Petrus, het hoofd is van de gehele Kerk en het 'volk van God'. De troon wordt aldus de apostel en zijn opvolger het symbool van het gezag waarmee hij zijn geloofsboodschap verkondigt, weergegeven door de mozaïekversiering van de basiliek.

Links van de troon zien we zowel de Annunciatie aan Maria (links). Maria ontvangt het bezoek van de engel terwijl ze de purperen doek voor de tempel maakt.
Rechts krijgt Jozef de aankondiging dat Maria zwanger is van de Heilige Geest.

Rechts van de troon is afgebeeld de Opdracht in de tempel (links). De handen van Simeon zijn bedekt met een mantel om het kind te ontvangen. Jezus wordt niet alleen door Simeon en Hanna, maar ook door priesters en filosofen als God ontvangen.
Rechts spoort de engel Jozef aan naar Egypte te vluchten om het kind te redden van Herodes' vervolging. Beide scènes worden gescheiden door twee duiven of tortelduiven, zoals voorgeschreven is door de wet bij de opdracht in de tempel.

Tweede register

Het tweede register toont aan de linkerkant de Aanbidding der Wijzen. Het kind Jezus wordt niet in Maria's armen aangetroffen, maar zittend in een majestueuze houding op een troon, een symbool van zijn goddelijkheid.

Aan de rechterkant zien we vermoedelijk een scène in verband met de Vlucht naar Egypte die in de Pseudo-Matteüs later als volgt is beschreven:
En verheugd en juichend kwamen zij in de streken van Hermopolis en gingen een bepaalde stad van Egypte binnen, die Sotinen wordt genoemd; en omdat ze daar niemand kenden van wie ze gastvrijheid konden vragen, gingen ze een tempel binnen die het Capitool van Egypte werd genoemd. En in deze tempel waren 355 afgoden opgericht, waaraan elk op zijn eigen dag goddelijke eer en heilige riten werden betaald. Want de Egyptenaren die tot dezelfde stad behoorden, betraden het Capitool, waarin de priesters hen vertelden hoeveel offers er elke dag werden gebracht, afhankelijk van de eer waarin de god werd gehouden.
En het geschiedde, toen de allerheiligste Maria met het kleine kind de tempel binnenging, dat alle afgoden zich op de grond wiegen, zodat zij allen op hun gezicht lagen, verbrijzeld en in stukken gebroken; en zo lieten ze duidelijk zien dat ze niets waren. Toen werd vervuld wat door de profeet Jesaja werd gezegd: Zie, de Heere zal op een snelle wolk komen en Egypte binnengaan, en al het handwerk van de Egyptenaren zal in Zijn tegenwoordigheid bewogen worden.
Toen ging Affrodosius, die stadhouder, toen hem het nieuws hiervan werd gebracht, met heel zijn leger naar de tempel. En de priesters van de tempel, toen ze Affrodosius met al zijn leger de tempel zagen binnenkomen, dachten dat hij haast maakte om wraak te nemen op degenen op wiens rekening de goden waren gevallen. Maar toen hij de tempel binnenkwam en alle goden op hun gezichten zag neerbuigen, ging hij naar de gezegende Maria, die de Heer in haar boezem droeg, en aanbad Hem, en zei tegen al zijn leger en al zijn vrienden: Tenzij dit de God van onze goden was, zouden onze goden niet voor Hem op hun gezichten zijn gevallen; noch zouden zij in Zijn tegenwoordigheid voorovergebogen liegen: daarom belijden zij in stilte dat Hij hun Heer is. Tenzij we daarom oppassen te doen wat we onze goden hebben zien doen, kunnen we het risico lopen dat Zijn woede wordt vernietigd, net zoals het gebeurde met farao koning van de Egyptenaren, die, niet gelovend in krachten die zo machtig waren, verdronk in de zee, met al zijn leger. Toen geloofden alle mensen van diezelfde stad in de Here God door Jezus Christus.

(Pseudo-Matteüs 22-24)
De ontmoeting met Affrodosius symboliseert de erkenning van zijn goddelijkheid door de machtigen en de heidense filosofen.

Derde register

In het derde register vervult een tronende, als Romeinse keizer geklede Herodes een sleutelpositie.
Gezien het verloop in het verhaal van Matteüs moeten ze van rechts naar links worden bekeken.

Op de rechterscène ontvangt Herodes in Jeruzalem vertegenwoordigers van niet-joden: de drie wijzen uit het Oosten. Hij is omringd door als heidense Romeinse priesters uitgedoste schriftgeleerden met geopende boekrol en Romeinse soldaten. De wijzen zijn uitgedost met een Frygische (dus heidense) muts. Merk op dat onder deze scène staat dat Betlehem is afgebeeld, hoewel de scène in het Evangelie van Matteüs zich afspeelt in Jeruzalem.

Op de linkerscène ontvangt Herodes vertegenwoordigers van de joden: de moeders van Betlehem met hun onnozele kinderen. Hoewel hij ook hier omgeven is door Romeinse soldaten vertoont dit mozaïek nog geen spoor van wreedheid zoals we kennen van latere uitbeeldingen van deze kindermoord. We zien slechts een gebaar van Herodes en een uitgestoken hand van een soldaat. Een klein kruisje op het hoofd van een kind herinnert aan het martelaarschap van de kinderen. Ondanks zijn uiterlijk en imponerende omgeving is de koning tegenover Jezus de machteloze, net als trouwens ook de Romeinse keizer op wie hij lijkt. Onder deze scène staat dat de stad Jeruzalem is weergegeven. Je zou dus bijna vermoeden dat de beide scènes die zich afspelen in Jeruzalem en Betlehem abusievelijk op de verkeerde plaats staan, zeker als de boog van links zou moeten worden gelezen.

Vierde register

Zes schapen bewaken elk van de stadspoorten. De afbeelding van de stad Jeruzalem symboliseert kennelijk het apocalyptische thema van Christus' wederkomst, terwijl Betlehem de plaats van Gods eerste openbaring vertegenwoordigt.

Apocriefe evangeliën werden uitgebreid gebruikt bij het ontwerp van de mozaïeken van de triomfboog. Elementen van deze apokriefe traditie zijn later terechtgekomen in de Pseudo-Mattheüs die een eeuw na de vervaardiging van de mozaïeken tot stand is gekomen. De compositie-elementen komen vrijwel nooit exact overeen met de inhoud van de geïdentificeerde bronnen, of deze nu van bijbelse of apocriefe oorsprong zijn. De mozaïeken van Santa Maria Maggiore vormen in dit opzicht ook een uniek geval in de geschiedenis van de christelijke mozaïekkunst.

Behalve de goddelijkheid van Christus wordt ook de grootsheid en waardigheid van Maria als Theotokos, de Moeder van God, benadrukt. Zij wordt afgebeeld met een majestueuze uitstraling, gekleed als een keizerin, getooid met een diadeem en kostbare oorbellen, een parelketting en een broche aan haar riem, en is altijd omringd door engelen die over haar waken ter ere van haar.
Deze uitbeelding komt volledig overeen met de definitie van het Concilie van Efeze, dat de goddelijkheid van Christus erkent vanaf het moment van de conceptie.
Aan de Moeder Gods wijdde Sixtus na het Concilie van Efeze deze basiliek, zoals blijkt uit de Latijnse tekst van het grote opschrift aan de binnenzijde van de gevel:
Virgo Maria tibi Xystus nova tecta dicavi
Digna salutifero munera ventre tuo.
Tu genitrix ignara viri te denique feta
visceribus salvis edita nostra salus
‘Maagd Maria, aan u heb ik, Sixtus, een nieuwe tempel gewijd, een waardig eerbetoon aan uw redden-de moederschap. U, Maagd Moeder, die ons heil hebt ontvangen en maagdelijk hebt gebaard.’`
2016 Paul Verheijen / Nijmegen