Paul Verheijen

MARTINUS VAN TOURS
Sint Maarten


Halve mantel

Martinus werd circa 315 geboren in Pannonië, het huidige Hongarije ten westen van de Donau.
Zijn vader was een Romeinse officier en spoedig ging ook Martinus in het leger om daarin carrière te maken.
Toen hij bij Amiens was gestationeerd, gaf hij een arme man de helft van zijn mantel en 's nachts droomde hij dat hij Jezus van kleren had voorzien.
Martinus, bevreest voor uitverkiezing, trekt zich terug in de eenzaamheid.
Ganzen verraden hem echter.
Een bekering tot het Christendom kon toen natuurlijk niet uitblijven.
Waarom gaf Martinus de arme een halve mantel?
Het antwoord daarop is vrij simpel: van een Romeinse soldatenmantel behoorde de helft toe aan de soldaat zelf, de andere helft bleef eigendom van het Romeinse leger.

CARAVAGGIO

Verering

Nadat Martinus door Hilarius van Poitiers was gedoopt, werd hij diens leerling en reisde hij door Europa.
In 1360 stichtte hij een klooster in Ligugé bij Poitiers waar hij twaalf jaar verbleef, waarna hij bisschop van Tours werd.
In 397 stierf hij in Candes bij Tours.
Niet lang na zijn dood werd Martinus vooral in Frankrijk en de Nederlanden bijzonder populair, dankzij de Vita Sancti Martini, geschreven door Sulpicius Severus die hem de dertiende apostel noemt.
Deze Vita bevat de meest wonderlijke verhalen, die volgens de smaak van de tijd willen verwijzen naar Martinus' voortreffelijkheid en naar zijn macht om kwaad, ziekten en zelfs de dood te trotseren.
De belangrijkste gebeurtenissen die in de iconografie een rol spelen, zijn:
- Legerdienst, opgevat als onvrijwillig, want door de keizer opgelegd
- Gift van de halve mantel met de daaropvolgende droom
- Wonderen, waaronder dodenopwekkingen en het omhakken van de heilige pijnboom, die — hoewel op Martinus gericht — hem in zijn val niet trof
- Opdragen van de mis
- Dood en begrafenis

Martinus de eerste patroon van Frankrijk, waarbij zich spoedig vooral kerken (in Frankrijk alleen al een kleine vierduizend), soldaten, bedelaars, kleermakers en wijnboeren voegden.
Rond zijn feestdag op 11 november groeiden allerlei feestelijke of op voor-christelijke tradities gefundeerde, onheil afwerende gebruiken, die verband houden met seizoenswisseling of ontstaan zijn naar analogie van gewoonten rond Nicolaas van Myra.
Ook op Sintmaarten strooit men op sommige plaatsen snoepgoed.

JAN SCHOENAKER

Mantelrelikwie

De halve mantel, Latijn: cappa, was in de 9e eeuw overgebracht naar het paleis van Karel de Grote in Aken.
Nog steeds herinnert de Franse naam van Aken aan deze legendarische mantel van Sint Maarten: Aix-la-Chapelle.
Alle kleine gewijde ruimtes die voor een bijzonder doel waren ingericht, werden vanaf toen capella genoemd en degene die de zorg had voor deze ruimte heette cappellanus, kapelaan.

2016-2018 Copyleft - Paul Verheijen
Nijmegen